006121810003

006121810003

MIDDENKADER ENGINEERING

WERKTUIGBOUWKUNDE Crebo 94421

Projectwijzer 0 Basisdocument Middenkader Engineering versie 1 Begeleidersversie

WERKTUIGBOUWKUNDE Crebo 94421

Versie 2 – juni 2013

Projectwijzer 0 Basisdocument Middenkader Engineering Begeleidersversie

Artikelnummer: 006121810003

Colofon Deze uitgave is gerealiseerd onder verantwoordelijkheid van de Stichting Consortium Beroepsonderwijs.

Directie en managementteam M. Wouters, L. Fine, B. Huijberts, I. Rabelink, A. Pijnenburg

Ontwikkelteamleider A. G. Bol

Ontwikkelteam H. Bakker

BCTI projectmanagement

W. Slebus R. de Jong C. Otten P.Vrakking

ROC Nijmegen

ROC Landstede Harderwijk

ROC Rivor Tiel

ROC Rijn en IJssel Arnhem ROC Albeda Rotterdam

M. Starmans J. de Graaf H. de Geest

ROC ASA Utrecht ROC ASA Utrecht

C. Theuns ROC Tilburg R. van Herwijnen ROC Tilburg L. Hendriks

ROC Midden Nederland Utrecht

A. Papa D. Gray

ROC Aventus Apeldoorn ROC Flevoland Almere

C. Alberts R. Kassius W. de Wit T. de Vaal

ROC Nijmegen

ROC Albeda Rotterdam ROC Albeda Rotterdam

ROC Zadkine Rotterdam M. van der Vlist ROC Midden Nederland Utrecht

Redactie A. G. Bol, M. Brok

Ontwerp en opmaak Studio Blanche: Henny Witjes

Foto’s en afbeeldingen Ondanks alle inspanningen is het mogelijk dat de Stichting Consortium Beroepsonderwijs niet alle copyrights van de in de uitgave opgenomen illustraties heeft geregeld. Degene die meent alsnog rechten te kunnen doen gelden, wordt verzocht contact op te nemen met de Stichting Consortium Beroepsonderwijs.

© 2013 Stichting Consortium Beroepsonderwijs Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, namelijk elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van Stichting Consortium Beroepsonderwijs.

Inhoudsopgave

1

Inleiding

6

2

Competentie Gericht Opleiden

12 13 14 15 16 16 17 18 20 20 21 23 26 27 27 28 29 30 36 37 37 37 37 38 38 39 39 42 43 43 43 43 44 46 47 48 50

2.1 Inleiding

2.2 Kerntaken, Werkprocessen en Competenties 2.3 Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP)

2.4 Persoonlijk Activiteiten Plan (PAP)

2.5 Portfolio

2.6 Projectgroep

2.7 Rollen en taken in de projectgroep 2.8 Projectdossier en logboek 2.9 Beroeps Praktijk Vorming (BPV)

2.10 Begeleiding 2.11 Leeromgeving

3

Structuur van de opleiding

3.1 Inleiding

3.2 Oriëntatie op de studiekeuze 3.3 Indeling van de projectwijzers

3.4 Complexiteitsniveau van de projectwijzers 3.5 Tijdsduur en organisatie van de opleiding

4

Werken met een projectwijzer

4.1 Inleiding

4.2 De projectwijzer

4.3 Organisatie

4.4 Introductie op het project 4.5 Projectmatig werken 4.6 Aanpak van een fase 4.7 Procesverloop Go / No-Go

4.8 Afsluiting

5

Theoretische en praktische ondersteuning

5.1 Inleiding

5.2 Projectbegeleiding

5.3 Technieken

5.4 Projectmanagement en Bedrijfskunde

5.5 Communicatie Nederlands 5.6 Communicatie Engels 5.7 Loopbaan en Burgerschap 5.8 Rekenen en Exact 5.9 Andere ondersteuning

6

Evalueren, beoordelen, verantwoorden en examineren

64 65 66 66 70 71 71 72 72 75 76 92 94 95

6.1 Inleiding

6.2 Beoordelaars

6.3 Beoordelingsinstrumenten

6.4 De monitor 6.5 De scoretabel

6.6 Vaststellingsmomenten (VSM)

6.7 Studieadviezen

6.8 Normering, Kwalificering en Diplomering

Bijlagen

Bijlage 1 nKwalificatiedossier Middenkader Engineering 2012

Bijlage 2 Projectmanagement in 7 fasen

Bijlage 3 Uitwerking projectfase met stappenplan

Bijlage 4 Communicatieschema

Bijlage 5 Voorbeeldformulier beoordeling vakinhoud communicatieproduct Bijlage 6 Voorbeeldformulier beoordeling taalkundige aspecten communicatieproduct

96

97 99

Bijlage 7 Voorbeeld Niveaubepaling Nederlands

Bijlage 8 Niveau-omschrijving Engels

101 104

Bijlage 9 Voorbeeld Beoordelingsformulier Vergaderen Bijlage 10 Voorbeeld Beoordelingsformulier Presenteren 105 Bijlage 11 Handreiking voor het houden van een beoordelingsgesprek 106 Bijlage 12 Handreiking voor het maken van een reflectieverslag 109 Bijlage 13 Handreiking voor het houden van een presentatie 111 Bijlage 14 Voorbeeld Monitor 114 Bijlage 15 Scoretabel Middenkader Engineering 115

1 Inleiding

6

WERKTUIGBOUWKUNDE

begeleidersinformatie

Geachte collega,

Voor u ligt het Basisdocument Middenkader Engineering, waarin u alle ondersteu- nende informatie kunt vinden voor het werken met de projectwijzers van deze opleiding. Het is belangrijk dat u dit document of delen ervan aan het begin van de opleiding doorneemt met uw studenten. Op deze wijze worden studenten en u zich bewust wat de opleiding inhoudt, hoe de structuur van de opleiding is, hoe er met de projectwijzers gewerkt kan worden, wat de studenten van hun ondersteuners mogen verwachten en hoe het leerproces geëvalueerd en beoordeeld gaat worden. U kunt de studenten erop attenderen dat zij dit document kunnen laten lezen aan hun ouders, begeleiders, kennissen en bijvoorbeeld ook aan de begeleiders op de stagebedrijven. Daarmee zijn dan ook alle bij de student betrokken personen op de hoogte van de ins en outs van zijn opleiding. De informatie in dit Basisdocument kan gebruikt worden als ondersteuning bij het werken met de projectwijzers. Gedurende de gehele opleiding kunnen de studenten en begeleiders dit document steeds als naslagwerk gebruiken. Wanneer u de producten van het Consortium digitaal betrekt, kan dit document ook gedurende de hele opleiding van de student digitaal voor hem beschikbaar zijn. De opleiding is competentiegericht opgezet, vandaar de afkorting CGO: Compe- tentie Gericht Opleiden. Gedurende de opleiding wordt aan de hand van project- wijzers aan een aantal projecten gewerkt, met als doel dat de studenten leren om de bij hun opleiding horende werkzaamheden competent uit te voeren. Ze zijn dan in dat opzicht competent! Een wezenlijk onderdeel van het functioneren van studenten is het nemen van eigen verantwoordelijkheid. Voor u als begeleider betekent dit echter dat van u verwacht wordt dat u de student op allerlei manieren terzijde staat en dat er een beroep gedaan kan worden op uw vaardigheden om de studenten te coachen. Deze begeleiding kan naarmate de opleiding vordert, afnemen. Uit onderzoek is gebleken dat studenten van u verwachten, dat u kennis en visie aanreikt, dat u inzichten door kunt geven, dat u wijsheid toont en dat u kunt adviseren op basis van productbe- oordeling, waarneming van gedrag en evaluatie.

7

Basisdocument Middenkader Engineering

begeleidersinformatie

Met dit Basisdocument kunt u uitgangspunten herleiden wat het opleiden, beoor- delen en evalueren in het competentiegericht opleiden betreft. Voor meer informatie verwijzen wij u naar het ‘Visiedocument Competentieontwikkeling in het Beroeps- onderwijs’ van het Consortium Beroepsonderwijs (www.consortiumbo.nl). De inhoud van deze begeleidersversie is exact dezelfde als de studentenversie. Deze versie is aangevuld met handreikingen en achtergrondinformatie voor de begeleiders. Deze handreikingen zijn weergegeven in grijze vlakken. U hoeft geen twee documenten aan te schaffen.

Veel succes met het werken met deze methode.

8

WERKTUIGBOUWKUNDE

Beste student,

Voor je ligt het Basisdocument Middenkader Engineering. Hierin vind

je alle ondersteunende informatie over je opleiding. Door het lezen

van dit document kom je precies te weten hoe jouw opleiding is

georganiseerd, hoe je werkt met de projectwijzers en hoe jouw leren

geëvalueerd en beoordeeld wordt. Je kunt dit Basisdocument ook aan

je ouders, begeleiders, kennissen en stagebegeleiders laten lezen. Zo

weten zij ook wat voor opleiding je volgt.

De opleiding die je volgt, is een Competentie Gerichte Opleiding, vandaar de afkorting CGO. Je werkt gedurende de opleiding aan de hand van projectwijzers aan projecten. Dit heeft tot doel dat je leert om de bij de opleiding horende werkzaamheden competent uit te voeren. Met de daarbij opgedane kennis, vaardigheden en beroepshouding kun je in het bedrijfsleven doorgroeien naar een middenkaderfunctie en kun je ook instromen in het HBO. Je kunt niet zomaar competenties ontwikkelen in een opleiding. Ze zijn gerelateerd aan de behoefte van het bedrijfsleven. Daarom heeft de overheid, samen met het bedrijfsleven en het onderwijs, een eisenpakket voor jouw opleiding ontwikkeld. Deze eisen staan in het kwalificatiedossier ‘Middenkader Engineering’. Bij het afronden van de opleiding krijg je een diploma Middenkader Engineering, uitstroomrichting Technicus, gekoppeld aan de technische richting waarin je hebt gestudeerd. De opleiding begint eenvoudig aan de hand van duidelijk omschreven projecten. Naarmate de opleiding vordert, zullen er projecten komen die je zelf kunt kiezen en die minder duidelijk omschreven en complexer zijn. Het ROC kan de projectwijzers van het laatste jaar als examen inzetten.

9

Basisdocument Middenkader Engineering

Je bent natuurlijk zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop je studie verloopt en de resultaten die je behaalt. Zowel op het ROC als in de beroepspraktijk gaat het om een juiste werkhouding en om je ambitie/ motivatie. Het willen is heel belangrijk. Begeleiders op school en in de praktijk zullen je op allerlei manieren coachen en terzijde staan. Ook de samenwerking met je medestudenten speelt bij deze vorm van onderwijs een belangrijke rol.

Veel succes met je opleiding!

10

WERKTUIGBOUWKUNDE

11

Basisdocument Middenkader Engineering

2 Competentie Gericht Opleiden

12

WERKTUIGBOUWKUNDE

2.1 Inleiding

De studie die je volgt is een onderdeel van de opleiding Middenkader Engineering, dit is een competentiegerichte opleiding.

Bij Competentie Gericht Opleiden staat niet de leerstof, maar jouw ontwikkeling tot een goed functionerend vakman centraal. Dat betekent onder meer dat het leerproces niet beperkt blijft tot de vakkennis, maar dat daarnaast ook beroeps- vaardigheden en de beroepshouding belangrijk zijn. Binnen competentiegericht onderwijs krijgt jouw totale ontwikkeling de aandacht.

Een competentie is het vermogen om op het juiste moment de benodigde vakkennis, vaardigheden en houding in te zetten om je werk goed te doen.

Om de benodigde competenties te ontwikkelen werk je met projectwijzers. Hierbij werk je aan realistische projecten uit de beroepspraktijk. Deze projecten zul je alleen of samen met anderen gaan uitvoeren. Op deze wijze leer je onder andere om samen te werken en leer je hoe je om moet gaan met de werkzaamheden uit de beroepspraktijk. Competent zijn heeft in je opleiding altijd te maken met de activiteiten die horen bij de door jou gekozen opleiding. Een voorbeeld is: ‘Samenwerken en overleggen’. Dit gaat dan niet over het organiseren van een feestavond, maar over het samen- werken en overleggen bij het uitvoeren van een beroepsactiviteit die hoort bij jouw studiekeuze. Overheid en onderwijs hebben aangegeven wat nodig is om je als student breed te ontwikkelen, zodat je na je opleiding als beginnend beroepsbeoefenaar aan de slag kunt en tevens door kunt stromen naar het HBO. Dit is vastgelegd in het brondo- cument Loopbaan en Burgerschap. Hierin staat informatie over loopbaanoriëntatie, burgerschapsontwikkeling, rekenen, Nederlands en Engels. Daarnaast heeft vooral het bedrijfsleven aangegeven welke (kern)taken en werkzaamheden je als Middenkader Engineer moet kunnen uitvoeren. Deze kerntaken en werkprocessen zijn vastgelegd in het kwalificatiedossier Middenkader Engineering, uitgegeven door Kenteq. In dit dossier is tevens vastgelegd welke competenties nodig zijn om een kerntaak en een werkproces goed uit te kunnen voeren.

13

Basisdocument Middenkader Engineering

De studie tot Middenkader Engineer kent twee uitstroommogelijkheden, te weten: • Technicus met daarbinnen de onderstaande zes studierichtingen –– Industrieel design –– Informatie- en elektrotechniek –– Mechatronica –– Werktuigbouwkunde –– Werktuigkundige installatietechniek –– Techniekbrede richting • Commercieel Technicus met de studierichting: –– Commercieel technicus

2.2 Kerntaken, Werkprocessen en Competenties

Uitstroomrichting Technicus Voor de uitstroomrichting Technicus moet je als student leren om de onderstaande kerntaken en werkprocessen competent uit te voeren.

Kerntaken

Werkproces

1.1 Verzamelen en verwerken van ontwerpgegevens 1.2 Uitwerken van ontwerpen

Kerntaak 1 Ontwerpt producten of systemen

1.3 Kiezen van materialen en onderdelen 1.4 Maken van een kostenberekening

2.1 Verzamelen en verwerken van productiegegevens 2.2 Maken van een tekening(pakket) 2.3 Organiseren van mensen en middelen

Kerntaak 2 Bereidt productiewerk voor

3.1 Begeleiden van het productieproces 3.2 Bewaken begroting 3.3 Uitvoeren kwaliteitscontroles 3.4 Opleveren van werk 4.1 Inspecteren van producten en systemen 4.2 Begeleiden van onderhoud

Kerntaak 3 Begeleidt productiewerk

Kerntaak 4 Onderhoudt producten en systemen

Belangrijke competenties voor de technicus zijn: samenwerken en overleggen, formuleren en rapporteren, vakdeskundigheid toepassen, materialen en middelen inzetten, analyseren, aansturen, plannen en organiseren, op de behoeften en verwachtingen van de klant richten, kwaliteit leveren en instructies en procedures opvolgen.

14

WERKTUIGBOUWKUNDE

Uitstroomrichting Commercieel Technicus Voor de uitstroomrichting Commercieel Technicus moet je als student leren om de onderstaande kerntaken en werkprocessen competent uit te voeren.

Kerntaken

Werkproces

1.1 Verzamelen en verwerken van ontwerpgegevens 1.2 Uitwerken van ontwerpen 2.1 Verzamelen en verwerken van productiegegevens 3.1 Begeleiden van het productieproces 3.2 Bewaken begroting 3.4 Opleveren van werk 5.1 Doet voorstellen voor commercieel beleid 5.2 Onderhoudt contact met klanten 5.3 Beheert de voorraad

Kerntaak 1 Ontwerpt producten of systemen

Kerntaak 2 Bereidt productiewerk voor Kerntaak 3 Begeleidt productiewerk

Kerntaak 5 Verricht commerciële werkzaamheden

Belangrijke competenties voor de Commercieel Technicus zijn: ondernemend en commercieel handelen, overtuigen en beïnvloeden, relaties bouwen en netwerken, samenwerken en overleggen, formuleren en rappor- teren, vakdeskundigheid toepassen, materialen en middelen inzetten, analyseren, aansturen, plannen en organiseren, op de behoeften en verwachtingen van de klant richten, kwaliteit leveren en instructies en procedures opvolgen. Overzicht In bijlage 1 vind je een compleet overzicht van de kerntaken, werkprocessen en competenties, aangevuld met prestatie-indicatoren waaraan het competent zijn moet voldoen en de kennis en vaardigheden die per werkproces ingezet moeten worden.

2.3 Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP)

Als beginnend student op het mbo kom je natuurlijk niet volledig onwetend binnen. Via eerdere opleidingen, bijbaantjes, hobby’s enzovoorts heb je al diverse competenties ontwikkeld. Bij de start van deze opleiding beheers je die competenties op een bepaald niveau. Sommige studenten zijn erg goed in het plannen van hun werkzaamheden, anderen zijn geboren leiders en prima in staat om een projectgroep te motiveren en vergaderingen voor te zitten. Weer anderen weten al veel over het vakgebied en hebben goede basisvaardigheden of geven probleemloos een presentatie voor een groep.

15

Basisdocument Middenkader Engineering

De vraag is: Hoe wil je je verder ontwikkelen?

Dit kun je samen met je studiebegeleider vastleggen in een Persoonlijk Ontwik- kelings Plan (POP). Het POP kun je maken tijdens een intakegesprek, bij het begin van een opleiding of na afloop van een eerste studieperiode. In het POP kun je aangeven wat je wilt worden en hoe je dat denkt te bereiken. Het POP kan, als gevolg van ervaringen en voortschrijdend inzicht, telkens worden bijgesteld.

2.4 Persoonlijk Activiteiten Plan (PAP)

Bij iedere nieuwe leereenheid (iedere projectwijzer) wordt in de definitiefase een plan van aanpak gemaakt. Afhankelijk van wat er allemaal gedaan moet worden voor het project en wat je zelf wilt leren, maak je dan een Persoonlijk Activiteiten Plan (PAP). Daarin leg je de leerdoelen voor die periode vast, de activiteiten die je daarvoor gaat doen en je legt vast, wanneer je de activiteiten uit gaat voeren.

2.5 Portfolio

Je bent zelf verantwoordelijk voor het realiseren van je doelen. Met behulp van een projectwijzer werk je dan ook samen met anderen aan het ontwikkelen van je competenties. Je maakt zelf keuzes en neemt daarvoor de verantwoording. Alles wat je tijdens de opleiding ontwikkelt, produceert en toont, kun je opslaan in je portfolio. Het zal per ROC verschillen hoe met studiebegeleiding en portfolio wordt omgegaan.

16

WERKTUIGBOUWKUNDE

Map Een portfolio is een map (bijvoorbeeld een ordner) waarin je al het materiaal van je opleiding dat je wilt bewaren, kunt opbergen. Dit kunnen zijn: tekeningen, werkstukken, foto’s van werkstukken en beoordelingsresultaten. Jij bent zelf verant- woordelijk voor het beheer en onderhoud van je portfolio. Digitaal Het ROC kan er ook voor kiezen om gebruik te maken van een digitaal portfolio, meestal gekoppeld aan een elektronische leeromgeving (ELO). Omdat je zelf zorg moet dragen voor het uitvoeren van het leerproces en het inleveren van gemaakte producten, is een portfolio een prima instrument. De resultaten van al je inspanningen verzamel je in een eigen portfolio. Met de inhoud van de portfolio kun je je verantwoorden, zowel tijdens je opleiding als aan het einde ervan. Aan het einde van je opleiding kun je producten waar je trots op bent, dan bijvoorbeeld tijdens een sollicitatie te laten zien. Deze producten kun je bij je portfolio op een aparte plaats in de zogenaamde showcase zetten. Showcase De showcase is een apart deel van je portfolio. Hierin kun je je producten plaatsen die een bijzondere waarde hebben. Voorbeelden zijn: • projectontwerpen • foto’s of tekeningen van praktijkwerkstukken • verslag van een functioneringsgesprek • een presentatie

• de monitoren en scoretabellen van jouw projecten • verslagen en beoordelingen van BPV-perioden

2.6 Projectgroep

Binnen het CGO maak je vrijwel altijd deel uit van een projectgroep. Dit zal in de meeste gevallen een groep van ongeveer vier studenten zijn. Met je projectgroep heb je vergaderingen om de werkzaamheden te bespreken. In het begin van de opleiding is de projectbegeleider (een docent) daarbij aanwezig, later gebeurt dit meer en meer zelfstandig. Bij het werken in een projectgroep zijn communiceren en samenwerken zeer belangrijke competenties. Met je groep verdeel je het werk en je helpt elkaar bij het zoeken van oplossingen. Ook bespreek je wat er precies gedaan moet worden, aan welke eisen de uitwerking moet voldoen en wanneer het werk klaar moet zijn.

17

Basisdocument Middenkader Engineering

Als je een projectfase geheel of gedeeltelijk hebt uitgewerkt, worden de resul- taten in de projectgroep besproken. Tevens geef je dan aan hoe je te werk bent gegaan en hoe je het werk de volgende keer mogelijk slimmer en efficiënter kunt aanpakken.

2.7 Rollen en taken in de projectgroep

Wanneer je als groep gaat samenwerken en je wilt dit goed laten verlopen, is regel- matig overleg nodig. Bij zo’n overleg is het belangrijk dat iemand de leiding neemt en ervoor zorgt dat iedereen professioneel meedenkt en zijn bijdrage levert. Ook is het noodzakelijk dat de belangrijkste zaken schriftelijk worden vastgelegd. Zo is het voor alle deelnemers duidelijk wat er moet gebeuren, door wie en wanneer. Daarom is het belangrijk om in de projectgroep tijdens een overleg de rollen en taken te verdelen. In het begin van je opleiding zul je om te oefenen deze rollen afwisselend vervullen. Later kun je een bepaalde rol, bijvoorbeeld die van werkgroep- of projectleider, gedurende een heel project vervullen.

Rollen en taken binnen de projectgroep

Gespreksleider/ Voorzitter/ Projectleider/ Notulist/Actieve deelnemer/Bordschrijver

De gespreksleider/voorzitter/projectleider Eén persoon heeft de leiding om de bijeenkomst in goede banen te leiden. De hoofdtaak van de voorzitter is om leiding te geven aan de vergadering en zorg te dragen voor inbreng van alle studenten. Van de voorzitter wordt verwacht: • het voorbereiden van de bijeenkomsten (agenda, tijdsindeling, knelpunten) • het afwikkelen van de agendapunten in afgesproken volgorde • de vergadering goed laten verlopen (spreektijd, samenvattingen geven, stimu- leren, besluiten nemen, bemiddelen bij conflicten) Na één of twee projecten oefenen zal er voor een heel project een werkgroep- of projectleider worden aangesteld of door de groep worden gekozen. Deze gaat dan alle projectvergaderingen voorzitten, het proces leiden en bewaken, de werkzaam- heden verdelen en het projectdossier structureren en bijhouden.

18

WERKTUIGBOUWKUNDE

De notulist De hoofdtaak van de notulist is een verslag van een bijeenkomst te maken. Van de notulist wordt verwacht: • het vastleggen van gemaakte afspraken in de notulen • het notuleren van belangrijke opmerkingen • het vastleggen van relevante informatie • het samen met de voorzitter opstellen van de agenda voor de volgende bijeenkomst De actieve deelnemer Dit is de rol die je tijdens een bijeenkomst meestal vervult, als je geen voorzitter of notulist bent. Van een actieve deelnemer wordt verwacht: • zich goed voorbereiden op en het nakomen van gemaakte afspraken • vooraf meedelen als je niet aan afspraken kunt voldoen • actieve presentie: samen met de andere leden actief bezig zijn met een taak of het doel van de vergadering • openstellen voor meningen en kritiek van andere groepsleden • open communiceren met de groepsleden over wat wel en wat niet goed verloopt De bordschrijver De ‘bordschrijver’ probeert met trefwoorden de loop van de discussie op een bord weer te geven. Dit heeft het voordeel dat de groepsleden geconcentreerd met dezelfde informatie en uitgangspunten werken. Na afloop van een discussie kunnen aan de hand van de bordresultaten de werkzaamheden worden verdeeld en de notulen nog worden aangevuld. Van de bordschrijver wordt verwacht: • het oppikken en noteren van trefwoorden uit het gesprek • het ondersteunen van de voorzitter zodat elke deelnemer zijn inbreng naar voren kan brengen

19

Basisdocument Middenkader Engineering

2.8 Projectdossier en logboek

In het bedrijfsleven maakt men bij het realiseren van een project gebruik van een projectdossier. Een project- dossier is voor een bedrijf van vitaal belang. Bij het wegvallen van personen die bij het project betrokken zijn, komt zo de voortgang van het project niet in gevaar doordat alle belangrijke gegevens in het dossier staan. Ook zorgt het projectdossier ervoor dat de grip op het project niet verloren raakt, de kosten van projecten niet uit de hand lopen en dat de gewenste kwaliteit wordt bereikt. In deze opleiding wordt

gebruik gemaakt van een soortgelijk dossier. Bij aanvang van elk nieuw project of bij de start van het werken met een nieuwe projectwijzer wordt er een projectdossier aangelegd. Eén van de onderdelen van het projectdossier wordt ook wel logboek genoemd. Hierin worden de uitgevoerde activiteiten en afspraken nauwkeurig omschreven. Voorbeelden van producten die in het logboek komen, zijn: notulen van de bijeen- komsten, wat is gedaan en door wie, omschrijving van de werkzaamheden en de gewerkte uren. Alle aantekeningen kunnen van vitaal belang zijn. Hiermee is het onder andere mogelijk om achteraf na te gaan waar het heel goed is gegaan of waar fouten zijn gemaakt. Ook wordt het dan duidelijk wie verantwoordelijk was voor welk onderdeel van het project. Er kan worden afgesproken dat elk lid van de projectgroep en de projectbegeleider op elk moment tijdens het proces het geactualiseerde projectdossier moeten kunnen inzien. Jouw ROC kan er ook voor kiezen om je een persoonlijk logboek te laten bijhouden. Hierin noteer je alle zaken die van persoonlijk belang zijn met betrekking tot het project. Desgevraagd kun je het persoonlijk logboek tonen aan de begeleiders. Als de projectgroepleden dat willen, kunnen de persoonlijke logboeken natuurlijk ook in het projectdossier worden opgeslagen.

2.9 Beroeps Praktijk Vorming (BPV)

Bij het Competentie Gericht Opleiden is de BPV een belangrijk onderdeel van de opleiding. BPV staat voor ‘Beroeps Praktijk Vorming’, ook wel stage genoemd. Bij een bedrijf ga je werken aan kerntaken en werkprocessen die bij je opleiding horen. Het bedrijfsleven is daarmee medeverantwoordelijk voor de opleiding.

20

WERKTUIGBOUWKUNDE

Op welk tijdstip je in aanraking komt met BPV, is een zaak van het ROC. Het ROC en het bedrijfsleven in de regio stemmen dit op elkaar af. De begeleiding is in die periode een verantwoordelijkheid van het ROC en van het BPV-bedrijf. Tijdens de BPV kun je je snel bewust worden van de wensen en behoeften die het bedrijfsleven heeft, welke rol jij daarin zou willen vervullen en welke keuzes je binnen je studie wilt maken. Daarom zal het ROC zich inspannen je in een vroeg stadium in aanraking te laten komen met de werkelijke beroepspraktijk. Om je zo goed mogelijk voor te bereiden op een BPV-periode wordt geruime tijd voor de start van de BPV begonnen met de projectwijzer van de BPV. Denk hierbij aan het uitzoeken van een bedrijf, het schrijven en versturen van sollicitatiebrieven en het kennismaken met het bedrijf. Zo kun je zonder tijdverlies direct starten met de BPV. In elk leerjaar komt een stuk BPV voor.

Alle door Kenteq erkende leerbedrijven komen in aanmerking als BPV-bedrijf. Op internet is deze lijst beschikbaar, informeer hiernaar bij de begeleiding van het ROC.

BPV is een nauwe samenwerking tussen: 1. de student 2. het BPV-bedrijf 3. het kenniscentrum Kenteq 4. de onderwijsinstelling (het ROC)

Deze maken gezamenlijk, elk vanuit de eigen verantwoordelijkheden, de beroeps- praktijkvorming tot een succes.

2.10 Begeleiding

Alle begeleiders hebben een ondersteunende rol bij jouw leerproces en bij de ontwikkeling van jouw competenties.

Begeleiding

Projectbegeleider/Docenten/BPV-begeleider/Praktijkopleider/Anderen

21

Basisdocument Middenkader Engineering

Projectbegeleider Elke projectgroep heeft een projectbegeleider. Dat is een docent die het proces begeleidt. Hij is aanwezig bij projectgroepbijeenkomsten. Vooral in het begin zal hij de projectgroep begeleiden bij het vergaderen. Hij observeert je in je rol van voorzitter, notulist, bordschrijver of deelnemer. Hij kan je aanwijzingen geven waardoor je deze vaardigheden sneller en beter leert. De projectbegeleider: • ondersteunt de groep bij het steeds zelfstandiger functioneren • leert de groep zo te werken dat de deelnemers van elkaar leren Docenten Docenten zijn beschikbaar voor ondersteuningslessen, instructiebijeenkomsten, vaardigheidstrainingen en workshops. Dit soort activiteiten wordt wel ingeroosterd, maar je bepaalt zelf (mede) de inhoud. De docenten werken dus vraaggestuurd. Jij (en/of je projectgroep) bepaalt of en hoe je gebruik wilt maken van de kennis en kunde van de docenten. BPV-begeleider Wanneer je een deel van je werkzaamheden op een BPV-bedrijf (stagebedrijf) uitvoert, heb je een BPV-begeleider vanuit het ROC. Deze BPV-begeleider is een docent van het ROC die tijdens jouw stageperiode met jou en met het bedrijf communiceert over de voortgang van de BPV en over jouw ontwikkelingen. Praktijkopleider De praktijkopleider is een speciaal hiertoe opgeleid persoon in het bedrijf. Hij begeleidt jou tijdens de stage binnen het bedrijf. Hij evalueert en beoordeelt samen met jou en de BPV- begeleider jouw werkzaamheden en ontwikkelingen. Speciaal voor de praktijkbegeleider is er per BPV-periode een informatieboekje (Handreiking praktijkopleiders) beschikbaar waarin wordt uitgelegd welke opleiding je volgt, wat je tot dat moment hebt gedaan en wat jij en jouw ROC verwachten van de praktijkopleider. Dit boekje kan door jouw BPV-begeleider gratis bij het Consortium worden gedownload, geprint en aan de praktijkopleider worden overhandigd. Anderen Naast bovengenoemde begeleiders kun je ook te maken krijgen met andere, externe vormen van begeleiding/ondersteuning. Denk hierbij aan een instructeur van een bedrijf, docenten van een andere beroepsrichting, een vakspecialist uit het bedrijfsleven enz. • begeleidt je bij jouw competentieontwikkeling • is het aanspreekpunt voor praktische vragen

22

WERKTUIGBOUWKUNDE

2.11 Leeromgeving

Het ROC heeft een facilitaire rol bij jouw leerproces en draagt zorg voor: • aparte overlegruimtes voor projectgroepen of werkgroepen • aparte studie- en/of werkruimtes voor studenten • ruimtes voor instructie en presentatie • mogelijkheden voor workshops, trainingen en ondersteunende lessen • adviezen over boeken en lesmaterialen • een elektronische leeromgeving • het beschikbaar stellen van een portfolio-instrument • een studentenadministratie

23

Basisdocument Middenkader Engineering

begeleidersinformatie

VOOR ALLE BEGELEIDERS

Bij paragraaf 2.1 Inleiding De auteurs van de Stichting Consortium Beroepsonderwijs zijn in 2010 begonnen om de bestaande projectwijzers om te schrijven naar het dossier Middenkader Engineering cohort 2010-2011. Bij het herschrijven vindt daar waar nodig tevens een verbeterslag plaats. Graag houden we ons aanbevolen voor veranderwensen, voor hulp en voor ideeën. U kunt altijd contact met ons opnemen om te vragen hoe ver het staat met de ontwikkelingen en welke bijdrage u kunt leveren. De project- wijzers zijn eigendom van alle aangesloten mbo-instellingen. Bij paragraaf 2.3 Persoonlijk ontwikkelingsplan De auteurs gaan ervan uit dat elke student in het ROC een studiebegeleider heeft die de student over een langere periode begeleidt en ondersteunt bij het maken en mogelijk aanpassen van een POP. Dit in tegenstelling tot een projectbegeleider die een student gedurende een leereenheid bij de realisatie van het project begeleidt. Bij paragraaf 2.5 Portfolio Hoewel het ROC kan kiezen met welke vorm van portfolio er gewerkt gaat worden, adviseren de auteurs u gebruik te maken van een digitaal portfolio. Op deze wijze kan met geringe inspanning van de begeleiding, ontwikkeld materiaal van de student door hemzelf op een methodische wijze worden gerangschikt, opgeslagen en op bepaalde momenten worden getoond. Nog meer is de student hiermee verantwoordelijk voor zijn leerproces en hij kan niet terugvallen op de administratie van de begeleiding of het ROC. Bij paragraaf 2.6 Projectgroep De auteurs zijn bij het ontwikkelen van de projectwijzers uitgegaan van een zo realistisch mogelijke in de praktijk toegepaste methodiek. Dit heeft tot gevolg dat wordt gewerkt met een projectbegeleider en een projectgroep. Afgezien van projectwijzer 1 zal elke projectgroep een student als projectleider hebben. De projectbegeleider (een docent) heeft vooral een begeleidende taak. Vaak wordt per projectwijzer een advies gegeven betreffende de grootte en samenstelling van de projectgroep. Om praktische redenen zullen projecten en projectfasen in het begin van de opleiding vaak opgestart en afgesloten worden met een groep van ongeveer acht studenten onder begeleiding van een student als voorzitter. Ook dan heeft de projectbegeleider de begeleidende en controlerende taak. De mogelijkheid dat studenten hierbij van elkaar leren, dient dan maximaal te worden bevorderd. Bij paragraaf 2.7 Rollen en taken in de projectgroep Het is aan u als begeleider om het onderwijsproces zo te organiseren dat alle studenten alle rollen en taken bij toerbeurt vervullen en zich erin bekwamen. Wel is het van erg groot belang dat u de studenten aan het begin van de opleiding leert om gestructureerd te werken. Dit kost natuurlijk wel tijd en energie. Later in de opleiding kunt u deze tijd ruimschoots terug- verdienen, als de studenten hebben

24

WERKTUIGBOUWKUNDE

begeleidersinformatie

geleerd volgens afspraken hun werk te doen en als u hen persoonlijk aan kunt spreken op de rol/taak die zij dienen te vervullen.

Bij paragraaf 2.8 Projectdossier en logboek Wij adviseren u om de projectgroepen met een projectdossier te laten werken. Het is goed en professioneel voor de studenten om conform het bedrijfsleven te leren alle spullen, ook al zijn die door verschillende leden gemaakt, in één dossier te bewaren. Ook leert u ze hiermee om zich op alle momenten te kunnen verantwoorden. Met een elektronische leeromgeving kunt u natuurlijk ook besluiten het projectdossier digitaal op te slaan en voor iedereen inzichtelijk te maken. Als begeleider kunt u ervoor kiezen studenten de urenverantwoording e.d. in een logboek o.i.d. te laten bijhouden. Van belang is dat alle genoemde producten kunnen worden gemaakt en getoond. Bij paragraaf 2.9 Beroeps Praktijk Vorming De BPV heeft een speciale plaats in de opleiding omdat na een oriënterend bezoek aan een bedrijf, de student zelf kan bepalen aan welke kerntaken en werkprocessen hij gaat werken. De student bepaalt vooral zelf wat hij wil leren voor zover relevant voor zijn studie en zijn gewenste en noodzakelijke ontwikkeling. De begeleiding gaat in overleg met de student bepalen of dat voldoende is of dat er aanvullende kerntaken, werkprocessen of competenties aan de orde moeten komen. Wij adviseren u de studenten te stimuleren dit Basisdocument te lezen en de bij de projectwijzers ontwikkelde ‘Handreiking voor de praktijkopleider’ aan de praktijk- begeleiders op de stageplek ter lezing aan te bieden. Dit vergroot het inzicht van de praktijkbegeleiders over de structuur en werkwijze van de opleiding waar de student mee bezig is. Zij kunnen kennisnemen van de competenties die de student dient te ontwikkelen en zo kan de praktijkbegeleider een bewuste rol spelen bij het beoor- delen van de studenten op competent gedrag. Bij paragraaf 2.10 Begeleiding Voor de student is het belangrijk dat u als organisatie en als team alle rollen duidelijk neerzet en eenduidig toepast. Zo weet de student waar hij mee te maken krijgt, hoe hij zich moet opstellen en waar hij met welke vraag terecht kan. Ook is het van belang dat elke begeleider weet welke rol hij tijdens het leerproces van de studenten vervult. Bij paragraaf 2.11 Leeromgeving Het leerproces is nog meer dan vroeger afhankelijk van een krachtige leeromgeving. Daarom adviseren wij u veel aandacht te schenken aan bovengenoemde punten. Een student is verantwoordelijk voor zijn eigen leerproces, maar kan daar moeilijk op worden aangesproken als de voorwaarden om dit mogelijk te maken ontbreken.

25

Basisdocument Middenkader Engineering

3 Structuur van de opleiding

26

WERKTUIGBOUWKUNDE

3.1 Inleiding

De opleiding bestaat uit een opleidend traject en wordt afgesloten met een examen. Over het algemeen wordt het opleiden gedaan in perioden van acht à tien weken. Zo’n periode wordt ook wel een werkperiode of een leereenheid genoemd. Voor iedere leereenheid is een projectwijzer ontwikkeld waarmee je je weer een stapje verder ontwikkelt richting examineren, kwalificeren voor de arbeidsmarkt en toelating tot het HBO. De laatste werkperioden van je opleiding is het examen. Dit kunnen, afhankelijk van hoe jouw ROC het organiseert, twee, drie of vier werkperioden zijn. Tijdens het examen dat gedeeltelijk bij het ROC en gedeeltelijk bij een bedrijf of geheel bij een bedrijf plaatsvindt, moet je aan de hand van een examendossier (ook een soort projectwijzer) aantonen dat je zelfstandig kerntaken en werkprocessen uit kunt voeren. Per projectwijzer word je uitgedaagd een technisch project te realiseren. Dit houdt in dat je een product of een installatie gaat ontwerpen, de productie of het instal- leren ervan gaat voorbereiden, het product of de installatie gaat maken en/of de productie gaat begeleiden en dat je onderhoud voor het product of de installatie gaat verzorgen. De projecten en activiteiten die je aan de hand van de projectwijzers gaat reali- seren, worden gedurende je opleiding steeds complexer. Je begint met eenvoudige projecten binnen een eenvoudige beroepscontext. Je moet hierbij natuurlijk wel zelfstandig werken, maar er is veel begeleiding. Daarna worden de projecten steeds omvangrijker, de beroepscontext wordt ingewikkelder, je zult zelfstandiger moeten gaan werken en er is minder begeleiding.

Standaard is de opleiding vier jaar, maar er zijn meer en meer ROC’s die studenten de gelegenheid bieden de opleiding in drie jaar af te ronden.

3.2 Oriëntatie op de studiekeuze

Sommige ROC’s zullen je in het eerste leerjaar de gelegenheid geven je te oriën- teren op je studiekeuze. Dit kan door in het eerste leerjaar gebruik te maken van de projectwijzers ‘Techniek Breed’. Daar kan het ROC in overleg met jou zelf een opdracht naar wens invoegen. Ook kunnen er, afhankelijk van je interesse, projectwijzers van diverse uitstroom- en studierichtingen binnen de Middenkader Engineering worden gekozen. Dit is mogelijk omdat het algemene gedeelte van de projectwijzers van de diverse oplei- dingen hetzelfde is. De keuze maak je in overleg met de begeleiding en is afhan-

27

Basisdocument Middenkader Engineering

kelijk van je persoonlijke voorkeur en van de mogelijkheden die jouw ROC biedt. Het is natuurlijk niet de eenvoudigste route en vereist extra inzet. Zodra je weet waarin je verder wilt studeren, kun je stoppen met oriënteren. De BPV van het eerste leerjaar is ook bedoeld om je te oriënteren in welke richting je verder wilt studeren en wat je na je gekozen opleiding kunt gaan doen. Deze BPV kan dan ook gedaan worden bij alle bedrijven die werken met technieken die horen bij de opleiding Middenkader Engineering. Het ROC en de bedrijven kunnen je helpen een keuze te maken voor je toekomst.

Tot slot zijn er nog ROC’s die voor oriëntatie een eigen programma hebben.

3.3 Indeling van de projectwijzers

De projectwijzers kunnen op verschillende momenten/manieren worden ingezet. Het ROC bepaalt wanneer welke projectwijzer gebruikt wordt. Wellicht stelt jouw ROC je ook in staat eigen keuzes te maken. De standaard en wellicht meest gebruikte indeling staat hieronder afgebeeld. De projectwijzers zijn ook in deze volgorde genummerd.

Leerjaar

Periode 1

Periode 2

Periode 3

Periode 4

1

Projectwijzer 1

Projectwijzer 2

Projectwijzer 3

Projectwijzer 4 BPV 1

2

Projectwijzer 5

Projectwijzer 6 BPV 2

Projectwijzer 7

Projectwijzer 8

3

Projectwijzer 9 BPV 3

Projectwijzer 10

4

Examendossier/Projectwijzer 11a

Examendossier/Projectwijzer 11b (BPV 4)

Examendossier/Projectwijzer 11c

Als je de opleiding in drie jaar mag doen, zullen er in overleg met je ROC een paar projectwijzers vervallen. Bij de projectwijzers die je wel doet, zal dan meer theorie worden aangeboden en zullen er andere eisen aan de uitvoering worden gesteld.

28

WERKTUIGBOUWKUNDE

De projectwijzers 1 t/m 4 zijn vooral bedoeld om je te oriënteren op je loopbaan: wat wil je worden en wat wil je leren? Daarom zijn in de projectwijzers diverse functies in beeld gebracht die je wellicht na je schoolopleiding zou kunnen gaan doen. Voorbeelden zijn:

• technicus • tekenaar

• commercieel medewerker • vormgever of modelbouwer

De projectwijzers 5 t/m 8 zijn vooral bedoeld om je verder te verdiepen in de definitief gekozen studierichting, zowel aan de hand van de projectwijzers als aan de hand van weer een bedrijfservaring. In dit leerjaar zul je ook kennismaken met functies die je in de toekomst wellicht kunt gaan uitvoeren. Voorbeelden zijn: • chef technische dienst • projectleider • productontwikkelaar • zelfstandig ondernemer De projectwijzers 9 en 10 zijn bedoeld als voorbereiding op het examen. Project- wijzer 9 begeleidt je tijdens de BPV-periode en stuurt je aan om kerntaken en werkprocessen op het juiste niveau bij een bedrijf uit te voeren. Projectwijzer 10 is een volledige projectopdracht en kun je beschouwen als een proefexamen. De projectwijzers 11 zijn examens. Projectwijzer 11a is bedoeld om binnen het ROC een volledig(e) examen/projectopdracht uit te voeren. Daarna moet je aan de hand van projectwijzer 11b nog een BPV-periode doen waarin ook een deel van je werkzaamheden examinerend is. Projectwijzer 11c is geschreven voor een duaal of een deeltijdtraject. Deze gebruik je dan in plaats van 11a en 11b en doe je afhan- kelijk van de mogelijkheden het examen geheel of gedeeltelijk bij een bedrijf.

3.4 Complexiteitsniveau van de projectwijzers

Naarmate je vordert met je studie worden de projecten die je doet, steeds complexer. De grafiek hiernaast laat de complexiteitstoename zien en de onderstaande tabel laat zien hoe dit wordt gerealiseerd. De projectwijzers zijn ingedeeld in vier complexi- teitsniveaus: A t/m D. De indeling van de projectwijzers in complexiteits- niveaus is in onderstaand schema weergegeven.

29

Basisdocument Middenkader Engineering

Hier is duidelijk te zien dat over de hele studieperiode een bepaalde mate van zelfstandigheid van jou wordt verwacht. Je staat er echter niet alleen voor. De begeleiders zullen steeds ondersteuning bieden, maar dan moet je wel zelf aangeven waar je ondersteuning nodig hebt en ook aangeven wat je zelf hebt gedaan om het probleem op te lossen. Van groot belang bij je ontwikkeling is het samenwerken met je collega’s omdat dan sneller het gewenste leerresultaat wordt bereikt.

Indeling en omschrijving complexiteitsniveaus in projectwijzers Complexiteits- niveau A Complexiteits- niveau B Complexiteits- niveau C

Complexiteits- niveau D Examendossiers Projectwijzer 11a en 11b of 11c • omvangrijk project • complexe beroepscontext • zelfstandig

Projectwijzer 1 t/m 4

Projectwijzer 5 t/m 8

Projectwijzer 9 en 10

• eenvoudig project • eenvoudige beroepscontext • zelfstandig uitvoeren met veel begeleiding

• eenvoudig, maar omvangrijker project • eenvoudige maar

• omvangrijk project • complexe beroepscontext • zelfstandig uitvoeren onder

iets complexere beroepscontext

uitvoeren met begeleiding op afstand

afnemende begeleiding

• zelfstandig

uitvoeren onder afnemende begeleiding

3.5 Tijdsduur en organisatie van de opleiding

Standaard duurt de opleiding vier jaar, maar de laatste tijd wordt vaak de mogelijkheid geboden de opleiding in drie jaar te doen. Het is aan het ROC om jou, jouw projectgroep of alle studenten de gelegenheid te bieden de projectwijzers of de hele opleiding in een korter of een langer tijdsbestek te doen. Ook kan het zijn dat er in een samenwerkingsverband met het HBO versnelde trajecten zijn. Hieronder een grafisch overzicht van een aantal mogelijkheden hoe de opleiding met behulp van de projectwijzers kan worden georganiseerd. Daarin is zichtbaar gemaakt dat er na leerjaar 1 meer manieren mogelijk zijn om je studie te vervolgen. Het kan natuurlijk ook zijn dat jouw ROC het nog weer anders doet.

30

WERKTUIGBOUWKUNDE

PW11b PW11a PW10 PW11b PW11a Theorie &

PW5 PW8 PW7 PW6 PW5 PW10 PW7 PW6 PW5 PW10 PW6 PW5 PW8 PW7 PW6

examen PW11c

voorb.

PW11c

PW1 PW4 PW3 PW2

PW11b PW11a Theorie &

PW9 PW10

examen PW11c

voorb.

PW10

PW11a PW11b

PW11c

PW9

1

2

3

4

31

BASISDOCUMENT MIDDENKADER ENGINEERING

begeleidersinformatie

VOOR ALLE BEGELEIDERS

Bij paragraaf 3.2 Oriëntatie op de studiekeuze De methode is zo ontwikkeld dat studenten in het eerste leerjaar zich betrek- kelijk eenvoudig kunnen oriënteren op de studiekeuze. Alles wat niet direct met de beroepsrichting te maken heeft, wordt in de methode namelijk op hetzelfde moment op dezelfde manier aangeboden. Zelfs de beroepsgerichte kennis en vaardigheden zijn vaak gelijkluidend en kunnen gezamenlijk worden aangeboden. We denken hier aan tekenvaardigheden en basiskennis techniek. Dit geeft het ROC de mogelijkheid de studenten op een aantal manieren te laten oriënteren. • Iedere (groep) student(en) kiest een projectwijzer van de gewenste studie- richting. Het meeste kan gezamenlijk worden begeleid, een minimaal aantal zaken wordt per studierichting begeleid. Zelfs in de praktijklokalen kunnen studenten in één ruimte zijn, met in iedere projectgroep een eigen project(wijzer). Als studenten weten wat ze willen, kunnen ze vanaf dat moment projectwijzers van de gekozen beroepsrichting gebruiken. Hiermee verplicht u ze niet allemaal tot oriënteren! • De studenten kunnen het eerste leerjaar ook de projectwijzers Techniek Breed gebruiken. Dit zijn projectwijzers waarin een opdracht naar eigen keuze of een opdracht van uw ROC kan worden gezet. Behalve de techniek zijn deze project- wijzers precies hetzelfde als die van de andere series. Dus op alle andere punten ontwikkelt de student zich op dezelfde manier. • U kunt de studenten ook eerst allemaal een aantal perioden de projectwijzers van de studierichting Mechatronica aanbieden. Hierin zit een aantal basisvaar- digheden en productonderdelen die voor alle technieken binnen de opleiding Middenkader Engineering van belang zijn. • Wellicht heeft u een eigen methode van oriënteren ontwikkeld en stapt u na deze periode over op de projectwijzers. Vergeet dan niet goed te onderzoeken welke methoden van werken bij de eerste projectwijzers worden aangeleerd. Die worden in de projectwijzers verderop in de opleiding namelijk niet herhaald. Ook in leerjaar 2 en hoger is het overigens zo dat de meeste ondersteuning aan studenten van de verschillende studierichtingen gelijktijdig kan worden aange- boden. Dit geeft u de gelegenheid opleidingen met een gering aantal studenten toch aan te bieden en te verzorgen. Studenten van diverse studierichtingen kunnen in gezamenlijke basisgroepen zitten. Bij paragraaf 3.4 Complexiteitsniveau van de projectwijzers De begeleiding hoeft alleen kennis te nemen van de gebruikte niveaus om deze aan de studenten te kunnen verklaren. De auteurs hebben in het materiaal op een natuurlijke wijze de groei van deze niveaus ingebracht. De auteurs gaan er in hun visie vanuit dat een student zijn competenties versneld ontwikkelt door deze telkens weer toe te passen in een steeds complexere situatie. De auteurs gaan er ook vanuit dat u de studenten bij het begin van de opleiding veel ondersteuning biedt en dat u naarmate de opleiding vordert, een

32

WERKTUIGBOUWKUNDE

begeleidersinformatie

beroep doet op een grotere zelfstandigheid en ervaring. De omschrijving van de complexiteit is ook af te lezen in de scoretabel, zie het bij de methode meegeleverde Exceldocument. Bij paragraaf 3.5 Tijdsduur en organisatie van de opleiding Het is aan u als organisatie en/of als team de studenten de gelegenheid te bieden de opleiding sneller of langzamer te doorlopen. Met het team kan dan een plan worden opgesteld om dat mogelijk te maken. Vaak zijn er ook afspraken met het HBO voor versnelde trajecten. Bij vertraging van de studie kan een BPV-periode flexibel worden ingezet. In onderstaand schema zijn een viertal mogelijke routes met de projectwijzers naast elkaar gezet. Afwegingen kunnen zijn: • Wilt u de opleiding in drie of in vier jaar verzorgen? • Wilt u de studenten, afhankelijk van hun mogelijkheden, de ruimte geven er drie dan wel vier jaar over te doen? In onderstaand schema wordt er min of meer van uitgegaan dat alle studenten in het eerste leerjaar bij elkaar zitten en dat er op basis van selectiecriteria een keuze voor het vervolg gemaakt wordt. Van links naar rechts gezien: • Route 1: de ‘standaard’ vierjarige route. • Route 2: een vierjarige route met in het vierde jaar een extra periode als voorbe- reiding op het examen. • Route 3: een driejarige route waarbij projectwijzer 8 en 9 zijn vervallen en waarbij projectwijzer 10 over leerjaar 2 en 3 is verdeeld. (Gedurende projectwijzer 5, 6, 7 en 11 kan dan het grootste deel van de onder- steuning en/of begeleiding voor de studenten uit de driejarige route gelijktijdig worden gegeven met diegenen die de vierjarige route volgen.) • Route 4: een driejarige route waarbij projectwijzer 7, 8 en 9 zijn vervallen en met in het derde jaar een extra periode als voorbereiding op het examen. (Gedurende projectwijzer 5, 6, 10 en 11 kan dan het grootste deel van de ondersteuning en/of begeleiding voor de studenten uit de driejarige route gelijktijdig worden gegeven met diegenen die de vierjarige route volgen.)

33

Basisdocument Middenkader Engineering

BEGELEIDERSINFORMATIE

PW1

PW2

PW3

PW4

1

26u

26u

26u

PW5

PW6

PW7

PW8

PW5

PW6

PW7

PW8

PW5

PW6

PW7

PW10

PW5

PW6

PW10

2

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

26u

+5u

+5u

+5u

+5u

+5u

+5u

Theorie & voorb. examen

PW9

PW10

PW9

PW10

PW10

PW11a

PW11b

PW11a

PW11b

3

PW11c

PW11c

26u

26u

26u

26u

26u

+5u

+5u

Theorie & voorb. examen

PW11a

PW11b

PW11a

PW11b

4

PW11c

PW11c

Voor de studenten uit de vierjarige route werkt u met ongeveer 26 contacturen per week. Voor de studenten in de driejarige route, komen er in het tweede en derde leerjaar vijf extra contacturen per week bij voor verdieping en versnelling.

34

WERKTUIGBOUWKUNDE

Made with