14ZW4AAFB1

1 Apothekersassistent Niveau 4 Fase

Serie 2014 Crebonummer 91300

Apothekersassistent

Niveau 4

Stichting Consortium Beroepsonderwijs Zorg & Welzijn (kwalificatiedossiers 2011, 2012, 2013 of 2014)

Fase 1 Crebonummer 91300

artikelnummer: 14ZW4AAFB1

Colofon

Dit is een uitgave van Stichting Consortium Beroepsonderwijs

Manager Zorg & Welzijn I. Rabelink

Ontwikkelteam Assisterende in de Gezondheidszorg M. Weltevrede (ontwikkelteamleider) E. Rinsma

Eindredactie A. Brink M. Brok

Ontwerp/DTP H. Aalbersberg R. Bokma appeltje-n grafische ontwerpen

© 2014 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, namelijk elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van Stichting Consortium Beroepsonderwijs. Verantwoording Stichting Consortium Beroepsonderwijs heeft van alle haar bekende rechthebbenden op de in deze publicatie opgenomen teksten en afbeeldingen toestemming gekregen om deze te gebruiken.

www.consortiumbo.nl

Inhoud

Leerprestatie 1

4

Hoe leer ik?

Leerprestatie 2 Samenwerkend leren

12

Beroepsprestatie 1.1

20

Producten klaarmaken voor aflevering (2014-aa-bp1.1)

Beroepsprestatie 1.2

30

Recepten afhandelen met en zonder eenvoudige medicatiebewaking (2014-aa-bp1.2)

Beroepsprestatie 1.3

42

Geven van voorlichting en advies bij eenvoudige zelfzorgvragen (2014-aa-bp1.3)

Beroepsprestatie 1.4

50

Bestellen en uitvoeren van logistieke werkzaamheden (2014-aa-bp1.4)

* Daar waar zij staat, wordt ook hij bedoeld en omgekeerd. * Waar zorgvrager staat, kan ook worden gelezen: cliënt. * Waar collega staat, kan ook worden gelezen: apotheek logistiek medewerker (bp1.4)

Leerprestatie 1 Hoe leer ik?

Werkprocessen met de competenties van deze leerprestatie

Nummer van het werkproces

Titel van het werkproces

Competenties die bij het werkproces horen J Formuleren en rapporteren

1.1 Benoemt leerdoelen voor de eigen ontwikkeling

M Analyseren

N Onderzoeken

W Gedrevenheid en ambitie tonen

1.2 Inventariseert geschikte manieren van leren

N Onderzoeken

O Creëren en innoveren

1.3 Kiest bij de situatie en bij zichzelf passende manieren van leren

A Beslissen en activiteiten initiëren

M Analyseren

O Creëren en innoveren

1.4 Plant het eigen leerproces en voert het uit

A Beslissen en activiteiten initiëren

Q Plannen en organiseren

1.5 Evalueert de gekozen manier van leren

M Analyseren

O Creëren en innoveren

Typering van deze leerprestatie

Leren begint niet voor iedereen op dezelfde manier. De een wil gewoon beginnen, de ander wil eerst over het onderwerp praten, lezen of uitleg krijgen. De manier waarop je met het leren begint, wordt een leerstijl genoemd. Om goed te kunnen leren is het belangrijk dat je, afhankelijk van de situatie, verschillende stijlen kunt toepassen. Je kunt je voorstellen dat wanneer je met mensen werkt, je niet zomaar iets kunt doen en dan maar zien hoe het uitpakt. In de beroepssituatie is het belangrijk dat je je werkzaamheden met het gewenste resultaat binnen een bepaalde tijd goed hebt afgerond.

4

Zorg & Welzijn serie 2014

Je leerstijl heeft te maken met je levenservaring en met de persoon die je bent. Ook je ervaringen op school en de situaties waarin je leert zijn van invloed. Een leerstijl is niet iets dat vaststaat. Door ervaringen in je leven en in je werk verander jij en dat kan dus ook je leerstijl veranderen. Tijdens de opleiding probeer je nieuwe manieren van leren uit; manieren die passen bij de situatie en bij dat wat je moet leren. Je kunt de gekozen manier van leren evalueren, benoemen wat je goed bevallen is, wat je opnieuw wilt gebruiken en wat je een volgende keer anders wilt doen. Het valt Yasmine op dat iedere student in de groep een eigen aanpak bij het leren heeft. Zelf vindt ze het prettig om eerst iets over het onderwerp te lezen. Ebel houdt er niet van met zijn neus in de boeken te zitten. Hij begint gewoon en ziet wel hoe het uitpakt. Gewoon lekker klooien. Als hij meer moet weten, dan verdiept hij zich er wel in. Hij vraagt anderen, googelt of zoekt het op. Fatima wil graag van tevoren weten wat ze precies moet doen. Ze vraagt veel aan de docent voordat ze ergens aan begint. Als iemand het haar vertelt, dan begrijpt ze het beter.

Opdrachten

A. Waar ben ik goed in? Schrijf vijf dingen op waar je goed in bent, die je kunt en waar je trots op bent. Dit kunnen verschillende dingen zijn: afwassen, luisteren, rekenen, sport, appeltaart bakken. Ga na wie of wat van invloed is geweest dat jij daar zo goed in bent geworden. Wat of wie heeft jou daarbij geholpen?

Bewijsstuk Collage WP 1.5: M

B. Wat mij helpt om te leren

Wat helpt jou om te leren? Denk aan: • een leraar die goed kan uitleggen of aandacht voor jou heeft • je ouders die je stimuleren

• het willen winnen van een wedstrijd • een tevreden klant in je bijbaantje ……

Wat kun je hiervan gebruiken voor je opleiding?

Bewijsstuk Overzicht van wat jou helpt om te leren WP 1.5: M, O

C. Wat is mijn leerstijl? Doe een test om je leerstijl te achterhalen. Wat herken je in de uitkomst en wat herken je niet? Als dit jouw leerstijl is, wat kun je dan verder ontwikkelen om optimaal te leren? Betrek hierin de overige leerstijlen.

Bewijsstuk Leerstijlentest met conclusies en hoe je optimaal kunt leren WP 1.2: N

5

Fase 1

Apothekersassistent

D. Wat heb ik nodig om mezelf te ontwikkelen? Bespreek de resultaten van je leerstijlentest met die van groepsgenoten. • Welke verschillen en overeenkomsten zijn er in de leerstijlen? • Welke leerstijlen ga je verder ontwikkelen? • Wat heb je daarvoor nodig aan ondersteuning van je begeleider(s) en op welke manier? • Geef tips en tops aan je begeleider(s).

Bewijsstuk Tips en tops voor je begeleider(s) WP 1.2: O

E. Mijn manier van leren evalueren Je werkt in de opleiding aan verschillende opdrachten, zoals: • het schrijven van verslagen • het opdoen en toetsen van je kennis • het oefenen van vaardigheden

• het geven van presentaties • het maken van werkstukken • het werken aan (beroeps)prestaties.

Kies een aantal opdrachten die je al eens hebt uitgevoerd. Evalueer je manier van leren bij de uitvoering van iedere opdracht. Beschrijf per opdracht: • Wat nodigde je uit om deze opdracht te gaan doen? • Wat belemmerde jou in deze opdracht? • Wat was het resultaat van de opdracht? • Wat heb je geleerd van het uitvoeren van de opdracht? • Welke leerstijl heb je toegepast? • Wat had je anders kunnen doen voor een (nog) beter resultaat?

Bewijsstuk Evaluatieverslag WP 1.5: M, O

F. Mijn leerdoelen Welke persoonlijke leerdoelen haal je uit de uitgevoerde opdrachten in deze leerprestatie? Werk je leerdoelen uit in je persoonlijk ontwikkelplan en een plan van aanpak.

Bewijsstuk Persoonlijke leerdoelen in POP/PAP WP 1.1: J, M, N, W WP 1.3: A, M, O WP 1.4: A, Q

6

Zorg & Welzijn serie 2014

Resultaat van deze leerprestatie Je kent je persoonlijke doelen waaraan je gaat werken om optimaal de opleiding te kunnen volgen. Je weet wat je daarvoor moet ontwikkelen en welke taken je moet leren uitvoeren. Je weet wat daarvoor geschikte manieren van leren zijn. Met behulp van deze gegevens kun je jouw leerproces leren plannen en uitvoeren.

Bewijsstukken

Lever de volgende bewijsstukken aan: • Volledig ingevulde voortgangsbeoordelingslijst • Collage • Overzicht van wat jou helpt om te leren • Leerstijlentest met conclusies en hoe je optimaal kunt leren • Tips en tops voor begeleider(s) • Evaluatieverslag • Persoonlijke leerdoelen in POP/PAP

7

Fase 1

Apothekersassistent

Voortgangsbeoordelingslijst

Leerprestatie Hoe leer ik? Opleiding Apothekersassistent niveau 4

Naam student:

Cohort:

G : Goed V : Voldoende O : Onvoldoende

Beoordelingscriteria

Bewijsstuk Collage

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

laat zien wie of wat haar ontwikkeling in positieve zin beïnvloed heeft laat zien wie of wat haar heeft geholpen in haar ontwikkeling

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Overzicht van wat jou helpt om te leren

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

beschrijft wat haar heeft geholpen om te leren

{ { {

O Creëren en innoveren

beschrijft welke ervaringen bij het leren zij kan gebruiken voor de opleiding

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

8

Zorg & Welzijn serie 2014

Bewijsstuk Leerstijlentest met conclusies en hoe je optimaal kunt leren

Werkproces 1.2 Inventariseert geschikte manieren van leren Competenties De student:

G V O

N Onderzoeken

beschrijft haar leerstijl

{ { {

beschrijft de andere leerstijlen

{ { {

beschrijft hoe zij in de opleiding het beste kan leren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Tips en tops voor je begeleider(s)

Werkproces 1.2 Inventariseert geschikte manieren van leren Competenties De student:

G V O

O Creëren en innoveren

beschrijft welke ondersteuning zij nodig heeft bij het leren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Evaluatieverslag

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

toont haar successen in het leren

{ { {

beschrijft wat haar helpt om te leren

{ { {

beschrijft wat haar belemmert om te leren

{ { {

beschrijft welke leerstijl zij heeft toegepast

{ { {

O Creëren en innoveren

beschrijft wat zij anders had kunnen doen voor een beter resultaat

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

9

Fase 1

Apothekersassistent

Bewijsstuk Persoonlijke leerdoelen in -POP en PAP

Werkproces 1.1 Benoemt leerdoelen voor de eigen ontwikkeling Competenties De student:

G V O

J Formuleren en rapporteren

beschrijft in haar plan van aanpak duidelijk en concreet hoe ze gaat werken aan het realiseren van haar leerdoelen beschrijft hoe zij tot haar leerdoelen is gekomen legt uit welke aanpak geschikt is om haar leerdoelen te kunnen bereiken

{ { {

M Analyseren

{ { {

N Onderzoeken

{ { {

W Gedrevenheid en ambitie tonen beschrijft hoe zij verantwoordelijkheid neemt voor opdrachten, taken en het bereiken van haar leerdoelen Werkproces 1.3 Kiest bij de situatie en bij zichzelf passende manieren van leren Competenties De student: A Beslissen en activiteiten initiëren beschrijft de activiteiten die ze gaat ondernemen om zich te ontwikkelen

{ { {

G V O

{ { {

M Analyseren

legt uit welke leerstijlen passen bij deze activiteiten

{ { {

O Creëren en innoveren

beschrijft haar ideeën om zich te ontwikkelen

{ { {

Werkproces 1.4 Plant het eigen leerproces en voert het uit Competenties De student:

G V O

A Beslissen en activiteiten initiëren maakt een planning van leerdoelen die zij wil gaan ontwikkelen

{ { {

toont haar verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de planning toont in haar plan van aanpak de activiteiten die zij gaat ondernemen om haar leerdoelen te bereiken

{ { {

Q Plannen en organiseren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

10

Zorg & Welzijn serie 2014

Afspraken met betrekking tot acties die de student gaat ondernemen om zichzelf verder te ontwikkelen (POP/PAP)

Beoordeling leerprestatie Hoe leer ik?

{ G oed aangetoond { V oldoende aangetoond { O nvoldoende aangetoond

(s.v.p. aankruisen wat van toepassing is)

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

11

Fase 1

Apothekersassistent

Leerprestatie 2 Samenwerkend leren

Werkprocessen met de competenties van deze leerprestatie

Nummer van het werkproces

Titel van het werkproces

Competenties die bij het werkproces horen J Formuleren en rapporteren

1.1 Benoemt leerdoelen voor de eigen ontwikkeling

M Analyseren

N Onderzoeken

W Gedrevenheid en ambitie tonen

1.2 Inventariseert geschikte manieren van leren

N Onderzoeken

O Creëren en innoveren

1.3 Kiest bij de situatie en bij zichzelf passende manieren van leren

A Beslissen en activiteiten initiëren

M Analyseren

O Creëren en innoveren

1.4 Plant het eigen leerproces en voert het uit

A Beslissen en activiteiten initiëren

Q Plannen en organiseren

1.5 Evalueert de gekozen manier van leren

M Analyseren

O Creëren en innoveren

Typering van deze leerprestatie

Samenwerken is belangrijk in je toekomstige beroep. Tijdens de opleiding werk je samen met medestudenten, collega’s en mensen uit je doelgroep. Omgaan met een medestudent, collega of cliënt is niet hetzelfde als omgaan met een vriend of vriendin. Soms klikt het, soms klikt het niet. Ook wanneer het niet klikt, moet je toch met elkaar samenwerken. Wanneer je dat kunt, dan ben je professioneel bezig. Samenwerken krijgt daarom veel aandacht binnen je opleiding, zowel op school als tijdens je BPV.

12

Zorg & Welzijn serie 2014

Yasmine zegt over haar opleiding: ‘Op school werken we veel in groepjes. Soms vind ik dit leuk, maar niet altijd. Voordat we de taken verdelen, wil ik eerst weten wat de opdracht is. Niet alle groepsgenoten willen dit. Zij gaan al direct aan de slag, terwijl ik nog niet begrijp wat precies de bedoeling is. Meestal is het werken in een groepje heel gezellig en leer ik mijn groepsgenoten goed kennen. Ook kan ik veel van hen leren.’

Opdrachten

A. Bijdragen aan de samenwerking Dit is een individuele opdracht. Schrijf op: • Waar je goed in bent als je samenwerkt. • Welke rol(len) neem jij op je in de samenwerking? • Wat vind je nog lastig of kun je nog niet zo goed als je samenwerkt?

Bewijsstuk Beschrijving van je bijdrage aan samenwerken WP 1.5: M

B. Een samenwerkingscontract opstellen Stel met elkaar een samenwerkingscontract op voor het uitvoeren van de opdrachten C., D., E. Dit doe je door: • uit te wisselen wat iedereen gaat bijdragen aan de samenwerking

• uit te wisselen wat iedereen nodig heeft om goed te kunnen samenwerken • informatie te zoeken over waar het samenwerkingscontract aan moet voldoen • met elkaar groepsregels op te stellen • afspraken te maken over de aanpak van de opdrachten.

Bewijsstuk Samenwerkingscontract met onderbouwing waarom dit een goed contract is WP 1.2: N, O

C. Een activiteit plannen en organiseren Organiseer samen een activiteit, bijvoorbeeld: ouderavond, oma-en-opa-dag, ‘eten met de buren’. Maak een plan van aanpak voor de voorbereiding en uitvoering van de activiteit. Dit doe je door: • met elkaar tot een keuze te komen voor een interessante en uitdagende activiteit • te onderzoeken wat er nodig is om de gekozen activiteit uit te voeren, onderbouw de keuzes • de werkvolgorde en werkverdeling vast te stellen

Bewijsstuk Plan van aanpak met onderbouwing WP 1.3: A, M, O

D. Het uitvoeren van de activiteit Voer de activiteit uit. Bewaak je eigen aandeel in de uitvoering. Kies samen een vorm voor het bewijsstuk waarmee je kunt voldoen aan de beoordelingscriteria.

Bewijsstuk Zelfgekozen vorm WP 1.4: A, Q

13

Fase 1

Apothekersassistent

E. Evalueren Evalueer met de groep onderstaande punten. • Het proces van samenwerken:

- Benoem de sterke kanten en de leerpunten in de samenwerking als groep. - Wat zouden jullie de volgende keer anders doen? • Het product van samenwerken (het resultaat):

- Hebben jullie de doelen van de activiteit behaald? - Wat zouden jullie de volgende keer anders doen?

Bewijsstuk Groepsevaluatie WP 1.5: M, O

F. Reflecteren Schrijf een reflectieverslag over je ervaring bij het uitvoeren van deze leerprestatie. Betrek hierin ook je individuele voorbereiding op de leerprestatie (opdracht A.). • In het verslag beschrijf je: - De rol, taken en verantwoordelijkheden die jij hebt gehad bij de uitvoering van de opdrachten en leg uit waarom je die rol, taken en verantwoordelijkheid had. - Jouw sterke en zwakke kanten in de samenwerking (het proces). - Wat je de volgende keer anders zou doen. - Wat je leerdoelen zijn in de samenwerking en waarom. - Wat je kunt doen om aan deze doelen te werken en ze te bereiken.

Bewijsstuk Reflectieverslag WP 1.5: M, O WP 1.1: J, M, N, W

14

Zorg & Welzijn serie 2014

Resultaat van deze leerprestatie Je weet welke beroepsvaardigheden nodig zijn als je met anderen samenwerkt. Je hebt de vaardigheden toegepast bij de opdrachten in deze leerprestatie. Je weet welke vaardigheden jij bezit en benoemt welke je verder gaat ontwikkelen tijdens de opleiding.

Bewijsstukken

Lever de volgende bewijsstukken aan: • Volledig ingevulde voortgangsbeoordelingslijst • Individuele voorbereiding op de opdrachten in de leerprestatie • Het samenwerkingscontract met onderbouwing • Het plan van aanpak met onderbouwing

• Groepsevaluatie • Reflectieverslag

15

Fase 1

Apothekersassistent

Voortgangsbeoordelingslijst

Leerprestatie Samenwerkend leren Opleiding Apothekersassistent niveau 4

Naam student:

Cohort:

G : Goed V : Voldoende O : Onvoldoende

Beoordelingscriteria

Bewijsstuk Beschrijving van je bijdrage aan samenwerken

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

beschrijft haar sterke kanten bij samenwerken

{ { {

beschrijft de rol(len) die zij op zich neemt bij samenwerken beschrijft haar leerpunten bij samenwerken

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Samenwerkingscontract met onderbouwing waarom dit een goed contract is

Werkproces 1.2 Inventariseert geschikte manieren van leren Competenties De student:

G V O

N Onderzoeken

geeft een onderbouwing waarom het samenwerkingscontract goed is

{ { {

O Creëren en innoveren

stelt met de groepsleden groepsregels op voor de samenwerking stelt met de groepsleden een samenwerkingscontract op voor het uitvoeren van een activiteit

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

16

Zorg & Welzijn serie 2014

Bewijsstuk Plan van aanpak met onderbouwing

Werkproces 1.3 Kiest bij de situatie en bij zichzelf passende manieren van leren Competenties De student: A Beslissen en activiteiten initiëren heeft in het plan van aanpak de juiste activiteiten gekozen om de opdracht uit te voeren

G V O

{ { {

M Analyseren

legt uit wat nodig is om de gekozen activiteit uit te voeren legt uit waarom de activiteit interessant en uitdagend is

{ { {

O Creëren en innoveren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Zelfgekozen vorm

Werkproces 1.4 Plant het eigen leerproces en voert het uit Competenties De student:

G V O

A Beslissen en activiteiten initiëren toont haar bijdrage aan de uitvoering van de gekozen activiteit aan

{ { {

toont haar verantwoordelijkheid voor een goede uitvoering van de activiteit aan toont haar bijdrage aan de planning en uitvoering van de activiteit aan

{ { {

Q Plannen en organiseren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk Groepsevaluatie

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

benoemt de sterke kanten en de leerpunten in de samenwerking als groep benoemt het resultaat van de activiteit en wat zij de volgende keer anders zou doen

{ { {

O Creëren en innoveren

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

17

Fase 1

Apothekersassistent

Bewijsstuk Reflectieverslag

Werkproces 1.5 Evalueert de gekozen manier van leren Competenties De student:

G V O

M Analyseren

beschrijft haar rol in de samenwerking

{ { {

beschrijft de taken die zij heeft uitgevoerd

{ { {

beschrijft de verantwoordelijkheid die zij heeft gehad

{ { {

beschrijft haar sterke en zwakke kanten

{ { {

O Creëren en innoveren

beschrijft wat zij anders zou willen doen voor een beter resultaat en/of een betere samenwerking

{ { {

Werkproces 1.1 Benoemt leerdoelen voor de eigen ontwikkeling Competenties De student:

G V O

J Formuleren en rapporteren

beschrijft duidelijk en concreet haar persoonlijke leerdoelen op het gebied van samenwerken beschrijft hoe zij tot haar leerdoelen is gekomen legt uit welke aanpak geschikt is om haar leerdoelen te kunnen bereiken

{ { {

M Analyseren

{ { {

N Onderzoeken

{ { {

W Gedrevenheid en ambitie tonen beschrijft hoe zij verantwoordelijkheid neemt voor het bereiken van haar leerdoelen

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

18

Zorg & Welzijn serie 2014

Afspraken met betrekking tot acties die de student gaat ondernemen om zichzelf verder te ontwikkelen (POP/PAP)

Beoordeling leerprestatie Samenwerkend leren

{ G oed aangetoond { V oldoende aangetoond { O nvoldoende aangetoond

(s.v.p. aankruisen wat van toepassing is)

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

19

Fase 1

Apothekersassistent

Beroepsprestatie 1.1 Producten klaarmaken voor aflevering (2014-aa-bp1.1)

Werkprocessen met de competenties van deze beroepsprestatie

Nummer van het werkproces

Titel van het werkproces

Competenties die bij het werkproces horen K Vakdeskundigheid toepassen

1.3 Handelt recepten af

S Kwaliteit leveren

T Instructies en procedures opvolgen

3.3 Voert beheertaken uit

E Samenwerken en overleggen

L Materialen en middelen inzetten

20

Zorg & Welzijn serie 2014

1

Oriënteren

Typering van deze beroepsprestatie In de apotheek komen recepten binnen die verwerkt moeten worden. De aangevraagde producten worden klaargemaakt volgens de richtlijnen van de apotheek voor aflevering aan de cliënt. Het is de taak van de apothekersassistente om de juiste verpakking daarvan en de juiste hoeveelheid te pakken en te voorzien van de benodigde stickers en informatiemateriaal. Hierbij let ze op de vervaldata, kwaliteit en voorraad van de producten. Zij laat de door haar klaargemaakte producten controleren door ze te scannen én de producten door een collega te laten controleren. Uiteindelijk zet zij alles per cliënt klaar voor aflevering. Ze verpakt de producten in een zakje. Het recept en het zakje plaatst ze daarna op de juiste plek, zodat een andere assistent het gemakkelijk kan vinden als het aan de cliënt moet worden afgeleverd. Tijdens haar werkzaamheden werkt ze samen en overlegt ze als er producten besteld moeten worden of in bestelling zijn. Voor informatieoverdracht maakt ze notities op het recept. Belangrijk is dat de assistente werkt volgens protocol en wettelijke richtlijnen van de apotheek om fouten en misverstanden te voorkomen. Maryam loopt stage in apotheek ‘De Vijzel’. Het is een drukte van belang. Caroline, de stagebegeleider van Maryam, vraagt aan haar of zij recepten wil klaarmaken voor aflevering. Caroline heeft de recepten al in de computer ingevoerd. Zij geeft haar de stapel recepten met de daarbij behorende etiketten en bijsluiters. “Als je van sommige producten wat te kort komt, moet je het even melden. Denk je ook aan de notities op het recept?” Maryam weet dat het verantwoordelijk werk is. Ze heeft van Caroline instructies gekregen en weet hoe ze moet werken. “Dat moet wel lukken,” denkt ze en gaat aan de slag. Erica maakt de geneesmiddelen en verbandartikelen klaar om bezorgd te worden bij het verzorgingstehuis om de hoek. De robot heeft de geneesmiddelen al gepakt en die liggen op volgorde op de uitvultafel. De verbandartikelen moet Erica zelf pakken. Af en toe breekt ze verpakkingen aan. Ze plakt etiketten en stickers en legt de bijsluiters erbij. Sommige artikelen zijn niet op voorraad, die worden morgen geleverd. Ze schrijft op het recept wat er ontbreekt en legt de recepten in een bestelbakje. Na controle zet ze alles klaar in de kratten voor de bezorger.

21

Fase 1

Apothekersassistent

2

Plannen

Overleg met je begeleider over je POP en de voorwaarden voor het uitvoeren van de opdrachten in de beroepsprestatie. Bekijk de resultaten en de voortgangsbeoordelingslijst. Maak vervolgens je PAP. Leg een inleverdatum voor de resultaten vast.

Stap 1 en 2 van de Wegwijzer zijn aangetoond.

De moeilijkheidsgraad

De mate van complexiteit van de beroepssituatie

De mate van zelfsturing

De mate van verantwoordelijkheid voor

3 gesloten context

{ geleid

3 uitvoeren van het eigen takenpakket

{ open context

3 begeleid

{ jouw samenwerking met collega’s

{ complexe context

{ zelfstandig*

{ de hele zorg- en begeleidingscyclus

{ aansturen van collega’s op hetzelfde of lager niveau

* zelfstandig is niet van toepassing omdat de beroepsprestatie ontwikkelgericht is

Het gewenste resultaat van deze beroepsprestatie

De zorgvrager heeft geneesmiddelen ontvangen die gereed zijn voor toediening en aansluiten op de vraag, op de (gebruiks)situatie en op de gebruikstermijn. De apothekersassistente heeft gehandeld volgens protocol en wettelijke richtlijnen. De voorraad is op peil. Indien de voorraad niet voorziet in de behoefte wordt door middel van informatieoverdracht kenbaar gemaakt hoe en wanneer de juiste hoeveelheid medicatie en materialen beschikbaar zijn.

22

Zorg & Welzijn serie 2014

3

Uitvoeren

De competenties uit deze beroepsprestatie worden beoordeeld met behulp van de voortgangsbeoordelingslijst. De beoordelingsvormen zijn: gedragsbeoordeling en/of specifieke bewijsstukken. Maak hierover afspraken met je begeleider(s).

Opdrachten

A. Praktijkuitvoering Maak in de (simulatie)apotheek van de reeds ingevoerde recepten de producten klaar Zet de producten klaar voor aflevering aan de cliënt. Werk hierbij volgens instructies van de (simulatie)apotheek.

Gedragsbeoordeling: WP 1.3: K, S, T en WP 3.3: E, L

B. Beschrijving van werkprocedures bij het klaarmaken voor aflevering Beschrijf tenminste één of meerdere onderstaande werkprocedures die in de (simulatie)apotheek worden gehanteerd bij het afhandelen van recepten. • het pakken van geneesmiddelen, verbandmiddelen en kunst- en hulpmiddelen uit de voorraad: - rekening houdend met vervaldatum en kwaliteit - rekening houdend met bewaarconditie - rekening houdend met preferentiebeleid, substitutie en de opiumwet • het signaleren van en overleg bij bestelbehoefte en de bijbehorende vermeldingen op het recept • het verpakken, etiketteren en toevoegen van nodige (waarschuwings)stickers en voorlichtingsmaterialen • het controleren van de klaargemaakte producten • het klaarzetten voor aflevering aan de cliënt

Beschrijving werkprocedures: WP 1.3: K, S, T en WP 3.3: E

C. Reflectieverslag Schrijf een reflectieverslag over deze beroepsprestatie volgens de STARRT-methode.

Reflectieverslag: WP 1.3: S, T en WP 3.3: E

Bewijsstukken

Lever de volgende bewijsstukken aan: • Volledig ingevulde voortgangsbeoordelingslijst • Beschrijving van werkprocedures bij het klaarmaken voor aflevering • Reflectieverslag

23

Fase 1

Apothekersassistent

4/5 Controleren/Evalueren

Deze stappen zijn onderdeel van de voortgangsbeoordelingslijst.

Voortgangsbeoordelingslijst

Beroepsprestatie 1.1 Producten klaarmaken voor aflevering (2014-aa-bp1.1) Opleiding Apothekersassistent niveau 4

Naam student:

Cohort:

G : Goed V : Voldoende O : Onvoldoende

Beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 1.3 Handelt recepten af Competenties

De student:

G V O

K Vakdeskundigheid toepassen

pakt de juiste producten

{ { {

pakt de juiste hoeveelheden

{ { {

plakt de juiste etiketten en stickers op de verpakkingen

{ { {

verpakt de producten op juiste wijze

{ { {

plaatst de producten voor aflevering op de juiste locatie plaatst de recepten voor aflevering op de juiste locatie

{ { {

{ { {

S Kwaliteit leveren

werkt netjes

{ { {

werkt systematisch

{ { {

werkt volgens de kwaliteitsrichtlijnen

{ { {

T Instructies en procedures opvolgen voegt de benodigde informatiematerialen toe

{ { {

controleert de producten (elektronisch of visueel) en laat de producten door een collega controleren werkt volgens de procedures en wettelijke richtlijnen hoe zij de producten van de juiste etiketten en stickers op de verpakkingen voorziet

{ { {

{ { {

{ { {

24

Zorg & Welzijn serie 2014

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 3.3 Voert beheertaken uit Competenties

De student:

G V O

E Samenwerken en overleggen

meldt tijdig als er iets besteld moet worden

{ { {

draagt volgens afspraak informatie m.b.t. voorraadbeheer over

{ { {

L Materialen en middelen inzetten pakt verpakkingen met de juiste houdbaarheidstermijn

{ { {

gaat zorgvuldig om met materialen en middelen

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk B. Beschrijving van werkprocedures bij het klaarmaken voor aflevering

Werkproces 1.3 Handelt recepten af Competenties

De student beschrijft:

G V O

K Vakdeskundigheid toepassen

hoe zij de juiste producten pakt

{ { {

hoe zij de juiste hoeveelheden pakt

{ { {

hoe zij de producten van de juiste etiketten en stickers op de verpakkingen voorziet hoe zij de producten op juiste wijze verpakt waar en hoe zij de producten voor aflevering op de juiste locatie plaatst waar en hoe zij de recepten voor aflevering op de juiste locatie plaatst

{ { {

{ { {

{ { {

{ { {

S Kwaliteit leveren

hoe zij systematisch werkt

{ { {

hoe zij volgens de kwaliteitsrichtlijnen werkt

{ { {

T Instructies en procedures opvolgen welke benodigde informatiematerialen worden toegevoegd

{ { {

Hoe zij de producten controleert en laat controleren

{ { {

de procedures en wettelijke richtlijnen

{ { {

25

Fase 1

Apothekersassistent

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk B. Beschrijving van werkprocedures bij het klaarmaken voor aflevering

Werkproces 3.3 Voert beheertaken uit Competenties

De student beschrijft:

G V O

E Samenwerken en overleggen

in welke gevallen er moet worden overlegd als er iets besteld moet worden hoe en welke informatie met betrekking tot voorraadbeheer over moet worden gedragen

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk C. Reflectieverslag

Werkproces 1.3 Handelt recepten af Competenties

De student beschrijft:

G V O

S Kwaliteit leveren

hoe zij systematisch heeft gewerkt

{ { {

hoe zij volgens de kwaliteitsrichtlijnen heeft gewerkt

{ { {

T Instructies en procedures opvolgen hoe zij benodigde informatiematerialen heeft toegevoegd

{ { {

hoe zij de producten heeft gecontroleerd en laten controleren hoe zij volgens de procedures en wettelijke richtlijnen heeft gewerkt

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

26

Zorg & Welzijn serie 2014

Bewijsstuk C. Reflectieverslag

Werkproces 3.3 Voert beheertaken uit Competenties

De student beschrijft:

G V O

E Samenwerken en overleggen

hoe zij heeft overlegd als er iets besteld moest worden hoe zij informatie met betrekking tot voorraadbeheer heeft overgedragen

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

27

Fase 1

Apothekersassistent

Afspraken met betrekking tot acties die de student gaat ondernemen om zichzelf verder te ontwikkelen (POP/PAP)

Beoordeling beroepsprestatie 1.1 Producten klaarmaken voor aflevering (s.v.p. aankruisen wat van toepassing is) { G oed aangetoond

{ V oldoende aangetoond { O nvoldoende aangetoond

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

Naam begeleider: (s.v.p. voluit schrijven in blokletters)

Functie:

Instelling: { BPV

{ Opleiding

Datum:

Handtekening:

28

Zorg & Welzijn serie 2014

29

Fase 1

Apothekersassistent

Beroepsprestatie 1.2 Recepten afhandelen met en zonder eenvoudige medicatiebewaking (2014-aa-bp1.2)

Werkprocessen met de competenties van deze beroepsprestatie

Nummer van het werkproces

Titel van het werkproces

Competenties die bij het werkproces horen D Aandacht en begrip tonen

1.1 Neemt de zorgvraag aan en kanaliseert deze

1.2 Voert medicatiebewaking uit

E Samenwerken en overleggen

K Vakdeskundigheid toepassen

1.3 Handelt recepten af

T Instructies en procedures opvolgen

1.5 Geeft voorlichting en advies

I Presenteren

L Materialen en middelen inzetten

3.4 Geeft voorlichting en advies

J Formuleren en rapporteren

30

Zorg & Welzijn serie 2014

1

Oriënteren

Typering van deze beroepsprestatie In de apotheek worden recepten aan de balie aangenomen en afgeleverd. De apothekersassistente staat de cliënten te woord, neemt recepten aan en leest het recept aandachtig. Ze stelt vast op welke wijze het recept zo efficiënt mogelijk verwerkt kan worden. De meeste recepten worden via een vaste routing afgehandeld. Na aanname voert de apothekersassistente de recepten in het apotheekinformatiesysteem (= AIS) in. Als het AIS een medicatiebewakingssignaal aangeeft, interpreteert zij het signaal en bepaalt welke stappen zij moet ondernemen. Soms handelt zij dit signaal zelfstandig af. In andere gevallen, bijvoorbeeld bij wijzigingen in het recept, overlegt zij met de apotheker, de voorschrijver of de zorgvrager. De apothekersassistente kan echter niet blind vertrouwen op het medicatiebewakingssysteem van het AIS. Bij een aantal recepten wordt de medicatiebewaking onvoldoende uitgevoerd door het computersysteem. Het is belangrijk dat de assistente weet wanneer en op welke wijze zij zelf handmatig deze bewaking moet uitvoeren. De apothekersassistente aan de balie is het ‘visitekaartje’ van de apotheek, zowel bij het aannemen van recepten als bij het afleveren van producten aan de cliënt. Belangrijk is dat zij aandacht en respect toont, deskundigheid uitstraalt, informatie begrijpelijk overbrengt aan de cliënt en controleert of de cliënt haar begrepen heeft. Hierdoor wordt de cliënt goed geïnformeerd en is voldoende in staat de producten op de juiste wijze te gaan gebruiken. Kyra loopt stage in een apotheek in de binnenstad. De stage verloopt erg goed. De eerste weken heeft Kyra tijdens baliewerkzaamheden mee mogen kijken bij Caroline, haar praktijkbegeleider. Vandaag mag Kyra zelf aan de balie recepten aannemen. Ze wil graag professioneel overkomen en heeft daarom haar nieuwe blouse aangetrokken. Kyra neemt de recepten van de cliënten aan en stelt de juiste vragen. Als de recepten niet te moeilijk zijn, mag ze de recepten ook zelf invoeren in de computer, klaarmaken en afleveren. Voordat ze gaat afleveren neemt Caroline met haar door welke informatie bij het product gegeven moet worden en hoe ze dat het beste kan vertellen aan de cliënt. Bij het invoeren van een recept in de computer krijgt Julian een medicatiebewakingssignaal. De pijnstiller die op het recept staat, zou bij gebruik langer dan 2 weken klachten kunnen veroorzaken, omdat de bètablokker die de cliënt ook gebruikt minder zal functioneren. Hij overlegt hierover met zijn stagebegeleider. Het geneesmiddel mag worden afgeleverd, omdat blijkt dat de cliënt de pijnstiller maar voor 1 week van de arts krijgt voorgeschreven. Julian verwerkt de afhandeling van het medicatiebewakingssignaal bij de zorgregels in de computer. Vervolgens levert hij de pijnstiller af met de benodigde informatie.

31

Fase 1

Apothekersassistent

2

Plannen

Overleg met je begeleider over je POP en de voorwaarden voor het uitvoeren van de opdrachten in de beroepsprestatie. Bekijk de resultaten en de voortgangsbeoordelingslijst. Maak vervolgens je PAP. Leg een inleverdatum voor de resultaten vast.

Stap 1 en 2 van de Wegwijzer zijn aangetoond.

De moeilijkheidsgraad

De mate van complexiteit van de beroepssituatie

De mate van zelfsturing

De mate van verantwoordelijkheid voor

{ gesloten context

{ geleid

3 uitvoeren van het eigen takenpakket

3 open context

3 begeleid

{ jouw samenwerking met collega’s

{ complexe context

{ zelfstandig*

{ de hele zorg- en begeleidingscyclus

{ aansturen van collega’s op hetzelfde of lager niveau

* zelfstandig is niet van toepassing omdat de beroepsprestatie ontwikkelgericht is

Het gewenste resultaat van deze beroepsprestatie De zorgvrager is op professionele wijze te woord gestaan en de NAW- en verzekeringsgegevens zijn gecheckt. De zorgvraag is op de juiste wijze vastgesteld en gekanaliseerd. De ontvangen informatie en vervolgstap zijn duidelijk voor de zorgvrager. De eenvoudige medicatiebewaking is onder toezicht nauwkeurig en volledig uitgevoerd. De zorgvrager krijgt medicatie die aansluit bij zijn behoefte en (gebruiks)situatie. De zorgvrager heeft geneesmiddelen ontvangen die gereed zijn voor toediening en aansluiten op de vraag en op de (gebruiks)situatie. De apothekersassistente heeft gehandeld volgens protocol en wettelijke richtlijnen. De zorgvrager heeft op gestructureerde wijze correcte informatie en deskundig advies gekregen en heeft dit begrepen. De zorgvrager is tevreden over de benadering. De apothekersassistente heeft op professionele wijze gebruik gemaakt van voorlichtingsmateriaal. De administratieve taken rondom registratie van zorgvrager- en medicatiekenmerken, verstrekking van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen en de wetgeving zijn onder toezicht accuraat en professioneel uitgevoerd.

32

Zorg & Welzijn serie 2014

3

Uitvoeren

De competenties uit deze beroepsprestatie worden beoordeeld met behulp van de voortgangsbeoordelingslijst. De beoordelingsvormen zijn: gedragsbeoordeling en/of specifieke bewijsstukken. Maak hierover afspraken met je begeleider(s).

Opdrachten

A. Praktijkuitvoering Neem recepten aan in de (simulatie)apotheek van cliënten aan de balie en voer de gegevens in de computer in. Bij een eenvoudige medicatiebewakingssignaal verzamel je relevante patiëntgegevens en lees je de achtergrondinformatie. Jouw voorstel voor de vervolgstappen bespreek je met je (praktijk) begeleider. Je handelt onder toezicht zelfstandig de eenvoudige medicatiebewakingssignalen af en verwerkt deze in het AIS. Lever de voorgeschreven producten af aan cliënten met de benodigde schriftelijke en mondelinge informatie. De volgende onderdelen komen in ieder geval hierbij aan bod: • toepassen van het preferentie-, substitutie- en prescriptiebeleid • handmatig controleren van doseringen • recept aanpassen naar aanleiding van toepassen van beleid en afhandeling medicatiebewaking • uitvoeren van kassahandelingen • opbergen van het recept B. Beschrijving ‘Gang van het recept’ Beschrijf in eigen bewoordingen het proces van het recept van aanname tot aflevering aan de cliënt zoals dat wordt gehanteerd in de (simulatie)apotheek. Verwerk hierin de werkwijze als op het recept producten staan voorgeschreven die: • binnen én buiten het preferentiebeleid vallen • voor een kind zijn • in de koelkast moeten worden bewaard Gedragsbeoordeling: WP 1.1: D en WP 1.2: E, K en WP 1.3: T en WP 1.5: I, L en WP 3.4: J

• besteld moeten worden • onder de opiumwet vallen • door de cliënt moeten worden (bij)betaald

Beschrijving: WP 1.2: E, K en WP 1.3: T en WP 1.5: L en WP 3.4: J

C. Reflectieverslag Schrijf een reflectieverslag over deze beroepsprestatie volgens de STARRT-methode.

Reflectieverslag: WP 1.1: D en WP 1.2: E en WP 1.5: I en WP 3.4: J

Bewijsstukken

Lever de volgende bewijsstukken aan: • Volledig ingevulde voortgangsbeoordelingslijst • Beschrijving ‘Gang van het recept’ • Reflectieverslag

33

Fase 1

Apothekersassistent

4/5 Controleren/Evalueren

Deze stappen zijn onderdeel van de voortgangsbeoordelingslijst.

Voortgangsbeoordelingslijst

Beroepsprestatie 1.2 Recepten afhandelen met en zonder eenvoudige medicatiebewaking (2014-aa-bp1.2) Opleiding Apothekersassistent niveau 4

Naam student:

Cohort:

G : Goed V : Voldoende O : Onvoldoende

Beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 1.1 Neemt de zorgvraag aan en kanaliseert deze Competenties De student:

G V O

D Aandacht en begrip tonen

toont belangstelling voor de cliënt

{ { {

neemt de tijd om aandachtig te luisteren naar de vraag

{ { {

toont non-verbaal aandacht en interesse

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 1.2 Voert medicatiebewaking uit Competenties De student:

G V O

E Samenwerken en overleggen

overlegt op tijd bij medicatiebewakingssignaal

{ { {

overlegt op tijd bij twijfel

{ { {

K Vakdeskundigheid toepassen

bestudeert en controleert de gegevens over medicatie en cliënt in relatie tot therapietrouw bestudeert en controleert de gegevens over medicatie en cliënt in relatie tot het medicatiebewakingssignaal interpreteert de medicatiebewakingssignalen correct

{ { {

{ { {

{ { {

34

Zorg & Welzijn serie 2014

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 1.3 Handelt recepten af Competenties

De student:

G V O

T Instructies en procedures opvolgen voegt de benodigde informatiematerialen toe

{ { {

controleert de producten (elektronisch of visueel) en laat de producten door een collega controleren werkt volgens de procedures en wettelijke richtlijnen

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 1.5 Geeft voorlichting en advies Competenties De student:

G V O

I Presenteren

toont non-verbaal een professionele houding

{ { {

wekt vertrouwen door haar vakdeskundigheid

{ { {

geeft een inhoudelijk goede uitleg

{ { {

gebruikt voor de cliënt begrijpelijke taal

{ { {

spreekt met gepaste snelheid

{ { {

L Materialen en middelen inzetten kiest voor de cliënt passend voorlichtingsmateriaal en hulpmiddelen

{ { {

gebruikt voorlichtingsmateriaal en hulpmiddelen deskundig

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

35

Fase 1

Apothekersassistent

Bewijsstuk A. Gedragsbeoordeling

Werkproces 3.4 Voert administratieve taken uit Competenties De student:

G V O

J Formuleren en rapporteren

verwerkt nauwkeurig alle relevante gegevens van de cliënt in het AIS voert zorgvuldig de juiste af te leveren producten in het AIS in

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk B. Beschrijving ‘Gang van het recept’

Werkproces 1.2 Voert medicatiebewaking uit Competenties

De student beschrijft:

G V O

E Samenwerken en overleggen

in welke situaties bij medicatiebewakingssignaal er direct moet worden overlegd in welke situaties bij twijfel er direct moet worden overlegd de gegevens over medicatie en de cliënt in relatie tot therapietrouw die moeten worden bestudeerd en gecontroleerd de gegevens over medicatie en de cliënt in relatie tot het medicatiebewakingssignaal die moeten worden bestudeerd en gecontroleerd hoe men tot de correcte interpretatie komt van de medicatiebewakingssignalen

{ { {

{ { {

K Vakdeskundigheid toepassen

{ { {

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

36

Zorg & Welzijn serie 2014

Bewijsstuk B. Beschrijving ‘Gang van het recept’

Werkproces 1.3 Handelt recepten af Competenties

De student beschrijft:

G V O

T Instructies en procedures opvolgen de benodigde informatiematerialen die worden toegevoegd

{ { {

hoe men de producten controleert en laat controleren

{ { {

de procedures en wettelijke richtlijnen bij afhandelen van recepten

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk B. Beschrijving ‘Gang van het recept’

Werkproces 1.5 Geeft voorlichting en advies Competenties

De student beschrijft:

G V O

L Materialen en middelen inzetten hoe men voor de cliënt passend

{ { {

voorlichtingsmateriaal en hulpmiddelen kiest hoe men voorlichtingsmateriaal en hulpmiddelen deskundig gebruikt

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk B. Beschrijving ‘Gang van het recept’

Werkproces 3.4 Voert administratieve taken uit Competenties

De student beschrijft:

G V O

J Formuleren en rapporteren

alle relevante gegevens van de cliënt die verwerkt moeten worden in het AIS het invoeren van de af te leveren producten in het AIS

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

37

Fase 1

Apothekersassistent

Bewijsstuk C. Reflectieverslag

Werkproces 1.1 Neemt de zorgvraag aan en kanaliseert deze Competenties De student beschrijft:

G V O

D Aandacht en begrip tonen

hoe zij belangstelling voor de cliënt heeft getoond

{ { {

hoe zij de tijd heeft genomen om aandachtig te luisteren naar de vraag hoe zij non-verbaal aandacht en interesse heeft getoond

{ { {

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk C. Reflectieverslag

Werkproces 1.2 Voert medicatiebewaking uit Competenties

De student beschrijft:

G V O

E Samenwerken en overleggen

haar overleg bij medicatiebewakingssignalen

{ { {

haar overleg bij twijfel

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

Bewijsstuk C. Reflectieverslag

Werkproces 1.5 Geeft voorlichting en advies Competenties

De student: beschrijft

G V O

I Presenteren

hoe zij non-verbaal een professionele houding heeft getoond

{ { {

hoe zij vertrouwen heeft gewekt

{ { {

hoe zij inhoudelijk uitleg heeft gegeven

{ { {

haar gebruik van voor de cliënt begrijpelijke taal

{ { {

haar spreektempo

{ { {

Feedback aan de hand van bovengenoemde beoordelingscriteria

38

Zorg & Welzijn serie 2014

Made with