Handboek voor leraren - Walter Geerts en René van Kralingen

1  Hoe leren leerlingen?

tegorieën, die in 1.2.1 worden besproken. Vervolgens laten we in 1.2.2 zien dat de leerstof door de leerling op vier verschillende ‘beheersingsniveaus’ verwerkt kan worden.

A

1.2.1

Leeractiviteiten van leerlingen

Om te beoordelen of sprake is van leeractivi­ teiten maken we gebruik van de indeling van Bolhuis (2009). Zij stelt dat leren geschiedt middels directe ervaring, sociale interactie, nadenken ofwel reflectie en/of verwerken van theorie. Leren door directe ervaring  Deze vorm van leren vindt plaats door een di­ recte ervaring te ondergaan of door een direc­ te ervaring op te doen door te handelen. Een

Heeft Jeske iets geleerd in de les van me- vrouw Ekkers? Om die vraag te beant- woorden, moeten we eerst nagaan of Jeske activiteiten ondernomen heeft die relevant zijn voor het leren. Leren is im- mers een activiteit van de leerling. Dat brengt ons tot de vraag welke activiteiten Jeske in deze casus onderneemt om iets te leren.

voorbeeld van de eerste vorm is de ervaring die Jeske en de andere leerlingen ondergaan als mevrouw Ekkers al haar spullen op de grond veegt. De tweede vorm zou je kunnen omschrijven als ‘leren door vallen en opstaan’ of zoals men in het Engels zegt: by trial and error . Mevrouw Ekkers probeerde al een aantal lessen tevergeefs om het dadaïsme uit te leggen totdat ze per ongeluk haar hele tafel omstootte en merkte dat daarmee het begrip dadaïsme voor de leerlingen op zijn plaats viel. Leren door sociale interactie Bij deze vorm van leren gaat het om het proces van het uitwisselen van informa­ tie met anderen. Jeske vertelt thuis over de les en wordt door haar broertje, haar zus en haar moeder direct bestookt met vragen, die zij zo goed mogelijk probeert te beantwoorden. Op dat moment leert zij door sociale interactie. In dit geval gebeurt dat weinig doelbewust, maar het kan ook bewust worden ingebouwd in de les, bijvoorbeeld door leerlingen samen te laten werken aan een opdracht die gerelateerd is aan het onderwerp. Leren door nadenken ofwel reflectie ‘De les was zo boeiend dat Jeske er de hele middag over bleef nadenken’, lazen we in de casus. Jeske was dus bewust bezig met het onderwerp en er kwamen allerlei vragen bij haar op: wellicht dacht ze aan een schilderij dat ze kortgeleden had ge­ zien en vroeg ze zich af of dat schilderij ook bij de dadaïstische stroming hoorde, en waarom wel of niet. Jeske leert door actief over het onderwerp na te denken. Deze vorm van leren kan aan het handelen voorafgaan, maar kan ook tijdens of (lang) na het handelen plaatsvinden.

45

Made with