CZW20120116

Gelukkig komen bovenstaande voorbeelden niet dagelijks voor, hoewel hulpverleners steeds vaker geconfronteerd wordenmet agressie. Niet alleen agressie, maar ook gedrag zoals weglopen, schelden, seksuele intimidatie, gooien met spullen, slaan en schoppen of zelfbeschadiging zijn allemaal grensoverschrijdend. Dit gedrag komt voor in alle zorgsettings, dus ook in de ouderenzorg, de zorg voor gehandicapten of de thuiszorg. Hoewel je er zelf niet fysiek door gewond raakt, kunnen bepaalde zelfbeschadigende gedragingen veel indruk op jemaken. Bijvoorbeeld cliënten die zichzelf tot bloedens toe krabben, zichzelf slaan en bonken tegen demuur. Dit kan onrust geven en overslaan op de groep. Met behulp van zogenaamde de-escalerende technieken probeer je weer rust en veiligheid te creëren. Soms loop je het risico zelf slachtoffer te worden van het grensoverschrijdend gedrag van de cliënt en/of mantelzorger. Van belang is dat je weet hoe je in dergelijke situaties moet handelen en in een teamwerkt dat je steunt en waar in openheid over het gedrag van cliënten en de aanpak ervan gesproken wordt. Als medewerker maatschappelijke zorg heb je een belangrijke taak om een prettige sfeer te scheppen waarin iedere cliënt zich veilig en gehoord voelt. Een leefklimaat waarin cliënten veilig kunnen functioneren, kan bijdragen aan de preventie van grensoverschrijdend gedrag. Oriënteren en Plannen Overlegmet je begeleider over je POP en de voorwaarden voor het uitvoeren van de opdracht in de beroepsprestatie. Bekijk de resultaten en de beoordelingslijst. Wanneer bepaalde bewijsstukken niet haalbaar zijn, zoek dan naar vervangende bewijsstukken. Soms is het nodig dat je een aanvullend bewijsstuk inlevert. Bespreek je keuze voor de bewijsstukkenmet je begeleider. Maak vervolgens je PAP. Leg een inleverdatum voor de resultaten vast.

GO / NO GO

Stap 1 en 2 van de Wegwijzer zijn aangetoond.

6

MEDEWERKERMAATSCHAPPELIJKE ZORG - Fase 2

Made with