B pwt havo

Hoofdstuk 4 Organisaties en besluitvorming

Domein B Organisatie

1 a Revisionisme

d Algemene managementtheorie

b Contingentiebenadering

e Scientific management

c Systeemtheorie

f

Humanrelationsbeweging

2 Taylor richtte zich met name op de verbetering van de prestaties van de arbeider, terwijl Fayol onderzoek deed naar het leidinggeven. 3 Door het invoeren van functionele relaties verminderen de bevoegdheden van de lijnmanager; zij moeten zich immers aan richtlijnen en procedures houden.

4 a

Algemeen Directeur

Directeur Inkoop & Verkoop

Manager Administratie

Manager Maga- zijn & Expeditie

Manager Orderplanning

Manager Slaap Lux

Manager Verkoop

Manager Inkoop

Afdeling Perso- neelszaken

Afdeling Kwali- teitsmanagement

Afdeling Automatisering

Rayonmanager 1

Rayonmanager 2

Rayonmanager 3

Filiaal 1-10

Filiaal 11-20

Filiaal 21-30

b Een lijnafdeling is verticaal georiënteerd. Er bestaat een direct hiërarchische relatie met de hogere afdeling of chef. Er is een hiërarchische lijn. Niet iedereen heeft dezelfde taken en verantwoordelijkheden. Stafaf- delingen zijn horizontaal georiënteerd. Stafafdelingen adviseren de verschillende afdelingen. Stafafdelin- gen bezitten een stafrelatie met de manager en soms een functionele relatie met andere afdelingen of me- dewerkers.

c De bevoegdheid om zelf reclame te maken en de bevoegdheid om zelf het assortiment aan bedden te be- palen.

d Elke vestiging heeft zijn eigen regio & eigen klanten. Verschillend beleid kan hierbij passen. De markt per vestiging is dus redelijk gescheiden.

SE

Uitgeverij Van Vlimmeren BV

6

Made with