CZW20120014

Situatie Ik werk op een psychogeriatrische afdeling van het verpleeghuis Gregoria. Ik heb inmijn BPV de zorg voor mevrouw E. opme genomen. Mevrouw E. is 81 jaar en van Nederlandse afkomst. Ze is sinds 1974 weduwemet vijf kinderen. Iedere dag is er enkele uren bezoek vanminimaal één van haar kinderen. Ook de kleinkinderen komen hun oma geregeld bezoeken. Mevrouw is opgenomen vanuit het verzorgingshuis met ernstige verschijnselen van dementie. Ze vertoonde bij de opname wegloopgedrag. Dit is de reden dat zij op een gesloten pg-afdeling woont. Vroeger was ze een actieve vrouw. Ze zat op een koor en deed actief meemet de spelmiddagen voor ouderen zoals scrabble en bridge. Met haar kinderen is afgesproken dat mevrouw iedere dag deelneemt aan activiteiten binnen het verpleeghuis. Taak Mijn taak: het zelfstandig verlenen van basiszorg aanmevrouw en haar stimuleren tot activiteiten. Ik stelde, samenmet een gediplomeerde collega, het zorgplan bij als de situatie daarom vroeg. Ik was contactpersoon voor de familie. Dit laatste deed ik onder supervisie van en samenmet een gediplomeerde collega. Daarnaast bereidde ik de visite van de geriater voor en had regelmatig overleg over de gezondheidstoestand van mevrouw. Dit komt omdat het eetgedrag vanmevrouw slecht is. Ze zit op een vaste plek aan tafel en is geen grote eter. De dames om haar heen zijn vaak onrustig en dit slaat over opmevrouw E. die dan van tafel loopt en door de gangen dwaalt. Ze is dan niet meer bereid om aan tafel te gaan. Mijn taak is om het eten en drinken vanmevrouw te monitoren. Bij afnemend lichaamsgewicht en vochtbalans zorg ik dat deze weer op peil komen. Activiteiten ’s Ochtends begeleid ik mevrouw bij de wasbeurt en het aankleden. Mevrouw heeft hierbij veel hulp nodig. Ze weet de volgorde niet meer en kan zich niet goed afdrogen. Ze is meestal tevredenmet mijn hulp. Soms is ze ongeduldig en wil ze niet gewassen worden. “Schiet toch op,” zegt ze dan nogal dwingend. Het aankleden lukt haar ook niet meer goed. Ze kan nog wel zelf haar kleren kiezen, maar trekt bijvoorbeeld haar blouse verkeerd om aan en kan geen knoopjes niet meer door de knoopsgaten krijgen. Mevrouw is wel eens incontinent. Uit voorzorg krijgt ze een tena om. Dit is met de kinderen overlegd. Zij willen niet dat mevrouw naar urine ruikt. Dat is in het verleden vaak gebeurd. Het kost me veel moeite om de tena bij mevrouw om te doen. Ze verzet zich daartegen. Als ik zeg dat de kinderen dit graag hebben, werkt ze wat meer mee. Het eten en drinken is een probleem. Mevrouw zegt zelf geen trek te hebben. Met tegenzin neemt ze ´s ochtends een kopje thee en een half boterhammetje. De warmemaaltijd blijft beperkt tot enkele hapjes. Zoals ik hierboven al aangaf, loopt mevrouw bij onrust van tafel en is danmoeilijk te corrigeren.

75

KOMPAS

Made with