E-pupillen
|
73
vragen stellen
1 Stel
korte, heldere
vragen.
2 Stel
geen suggestieve
vragen. Niet: ‘Wat ging er allemaal fout?’
Ook niet: ‘Moeten we met elkaar in het aanvallen de ruimte groot
maken?’
3 Stel
open
vragen. Niet: ‘Ging het aanvallen goed?’ Wel: ‘Wat
ging er goed in het aanvallen?
4 Vraag
hoe en wat.
Niet: ‘Waarom ga jij nooit eens buitenom?’
Bij waaromvragen voelen spelers zich snel aangevallen. Wel:
‘Wat zou jij nog meer kunnen proberen?’ Of: ‘Wat kunnen spelers
zonder bal nog beter doen?’
5 Vraag door, vraag om
voorbeelden.
‘Camillo, hoe kun jij vrijlopen
als Maaike de bal heeft?’




