CZW20120015 - page 21

COMPETENTIEWIJZER
19
Competentie J: Formuleren en rapporteren (vervolg)
Kennis. Je kent
Vaardigheden. Je kunt
Houding. Je bent
de verschillende digitale
rapportagesystemen die gebruikt
worden binnen de organisatie
de verschillende observatielijsten en
-technieken
de opzet en het protocol voor het
voeren van een anamnesegesprek
de relevante wetgeving
hulpmiddelen bij het formuleren van
het zorgprobleem, het zorgdoel en de
planning
de formuleringseisen van een
zorgvraag, bijvoorbeeld volgens PES
de formuleringseisen van de
zorgdoelen, bijvoorbeeld volgens
RUMBA
de formuleringseisenm.b.t. acties
de verschillende vormen van evaluatie
stoornissen, beperkingen,
functioneringsproblemen en
ziektebeelden van zorgcategorieën in
de specifieke branche
de verschillende techniekenm.b.t.
overleggen en beargumenteren
de verschillende vormen van
overdracht, o.a. SOAP
de relevante wetgeving
de procedures rond ontslag,
overdracht en beëindigen van de
zorgverlening
de risicosignalen ten behoeve van de
veiligheid van de zorgvrager
voortekenen van
gezondheidsproblemen, crises en
incidenten
de zorg rondom de pasgeborene
de zorg rondom de borst- en
flesvoeding
protocollen en werkwijzen ten
behoeve van onvoorziene en
crisissituaties
theorie rondom stervensbegeleiding
theorie rondom rouwverwerking
de eisenm.b.t. Nederlands op 2F
niveau
gegevens interpreteren
gegevens handmatig en elektronisch
vastleggen
hoofd- en bijzaken scheiden
observaties objectief en adequaat
uitvoeren
adequaat communicerenmet de
zorgvrager, naasten en/of wettelijke
vertegenwoordigers
adequaat werkenmet gestructureerde
observatielijsten en protocollen
een anamnesegesprek voeren
effectief informatie ontlenen aan het
zorgplan in overlegmet collega’s
een zorgplan volgens de regels opstellen,
vaststellen en de voortgang in het
zorgplan rapporteren en evalueren
omgaanmet digitale patiëntendossiers
gebeurtenissen en ervaringen van
zorgvragers enmantelzorger/naasten
schriftelijk weergeven
een eindevaluatie schrijven ten behoeve
van ontslag, overdracht en beëindigen van
de zorgverlening
reageren op de risicosignalen ten behoeve
van de veiligheid van de zorgvrager
de zorg toepassen rondom de pasgeborene
de zorg toepassen rondom borst- en
flesvoeding
vaardigheden toepassen ten behoeve van
de palliatief terminale zorg
zorgvragers in het rouwproces
ondersteunen
correct en kernachtig doelen en
activiteiten formuleren op 2F niveau
Nederlands
.......................................................
planmatig
loyaal
flexibel
initiatiefrijk
zorgvuldig
precies
correct
open
geïnteresseerd
kritisch
begripvol
...................
...............................................
1...,11,12,13,14,15,16,17,18,19,20 22,23,24,25,26,27,28,29,30,31,...44
Powered by FlippingBook